IN ÉÉN OOGOPSLAG:

Algemeen

Dit geldt voor iedereen die met de kraan, aan de kraan of in de buurt ervan werkt.

Om te beginnen

Dit producthandboek gebruiken

De volgende pictogrammen worden in dit producthandboek gebruikt:

  1. Dit is een handelingsinstructie die u sommeert een bepaalde actie uit te voeren.
  • Dit is het resultaat van een handeling en beschrijft wat er met het apparaat gebeurt.
  • Dit is een opsomming.
Alleen bij...

Informatie in stippellijnkaders geldt alleen voor bepaalde typen, varianten of opties. De voorwaarde waaronder deze paragraaf geldt, staat aan het begin aangegeven in de titel „Alleen bij...”

Richtlijnen bij het producthandboek

Lees alvorens te beginnen met werken het producthandboek zorgvuldig door. Neem in ieder geval ook andere producthandboeken voor accessoires en componenten in acht.

Bewaar het producthandboek daarna in de buurt van de kraan. Het moet toegankelijk zijn voor iedereen die met of aan de kraan werkt.

Geef het producthandboek bij verkoop, verhuur of dergelijke altijd samen met de kraan mee.

Gebruik overeenkomstig de bestemming

De takel is bestemd voor het integraal verplaatsen van lasten aan een daarvoor ontworpen dubbelligger-loopkraan. De takel rijdt hiervoor horizontaal met twee loopwerkdragers op een loopkatrail van de hoofdtraverse.

  • De takel is bestemd voor een loopkat met stroomtoevoer via de kabelrups ABUPowerline of een ABUS-sleepleiding.

Voorschriften

De installatie is op het moment van fabricage conform Europese normen, regels en voorschriften gebouwd en getest. Welke beginselen aan de constructie en de bouw ten grondslag liggen, is aangegeven in de verklaring van overeenstemming of de inbouwverklaring. De beginselen moeten ook bij de montage, het gebruik, bij controles en bij onderhoud worden nageleefd, evenals de geldende bepalingen met betrekking tot veilig werken.

Welke voorschriften in het betreffende individuele geval gelden, hangt sterk af van het gebruik van de kraan en van de specifieke voorschriften per land. Controleer de geldende en actuele voorschriften en bepalingen inzake veilig werken en leef deze na! Zie ook de verklaring van overeenstemming of inbouwverklaring.

Garantie

  • ABUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade die is veroorzaakt door onjuist gebruik, door onvoldoende geschoold personeel, door ondeskundig uitgevoerde werkzaamheden, door wijzigingen, verbouwingen of andere veranderingen aan de kraan of aan de componenten van de kraan, die niet expliciet door ABUS zijn toegestaan.
  • De aanspraak op garantie vervalt indien onderdelen eigenmachtig worden veranderd, de kraan of componenten van de kraan anders worden gemonteerd, onderhouden of gebruikt dan in dit producthandboek is beschreven en indien er geen originele ABUS-onderdelen worden gebruikt.
  • De veilige werking van de kraan of componenten van de kraan is alleen gewaarborgd indien er originele ABUS-onderdelen worden gebruikt.

De takel

Beschrijving dubbelrailloopkat (D)

Beschrijving dubbelrailloopkat (D)
  • 1: Hijsmotor
  • 2: Hijswerkoverbrenging
  • 3: Loopkatframe
  • 4: Haakblok en lasthaak
  • 5: Loopwerkaandrijving loopkat
  • 6: Loopwerkdrager
  • 7: Loopwerk loopkat

Beschrijving dubbelrailloopkat (DA)

Beschrijving dubbelrailloopkat (DA)
  • 1: Hijsmotor
  • 2: Hijswerkoverbrenging
  • 3: Loopkatframe
  • 4: Loopwerkdrager
  • 5: Loopwerkaandrijving
  • 6: Haakblok en lasthaak
  • 7: Loopwerk loopkat

Beschrijving dubbelrailloopkat (DQA)

Beschrijving dubbelrailloopkat (DQA)
  • 1: hijswerkoverbrenging
  • 2: Loopkatframe
  • 3: Loopwerkaandrijving loopkat
  • 4: Loopwerkdrager
  • 5: Haakblok en lasthaak
  • 6: Hijsmotor
  • 7: Loopwerk loopkat

Beschrijving dubbelrailloopkat (DB)

Beschrijving dubbelrailloopkat (DB)
  • 1: Loopkatframe
  • 2: Hijswerkoverbrenging
  • 3: Loopwerk loopkat
  • 4: Hijsmotor
  • 5: Haakblok en lasthaak
  • 6: Werkplatform
  • 7: Loopwerkdrager

Specificaties

De dubbelrailloopkat (D):

  • De takel heeft twee loopwerkaandrijvingen voor het loopwerk en heeft zodoende twee aangedreven en twee niet-aangedreven loopwielen.
  • Het loopkatframe is vanaf boven op de loopwerkdragers geplaatst. De ene loopwerkdrager is met twee pennen aan het loopkatframe bevestigd en de andere loopwerkdrager is met een pen scharnierend in het loopkatframe gelagerd. Daardoor wordt gegarandeerd dat altijd alle vier loopwielen op de loopkatrail rusten.
  • Optioneel kan een werkplatform om de takel worden aangebracht om onderhouds- en reparatiewerkzaamheden gemakkelijker en veiliger te kunnen uitvoeren. (Dubbelrailloopkat DB).
  • De takel dekt draagvermogens in een bereik van 1 t tot 63 t.

De dubbelrailloopkat verlaagd (DA):

  • In tegenstelling tot bij de dubbelrailloopkat (D) is het loopkatframe bij deze variant tussen de loopwerkdragers geplaatst. Daardoor wordt een minimale bouwhoogte bereikt.
  • Een van de twee loopwerkdragers is met bouten van hoogvast staal aan het loopkatframe bevestigd en de andere loopwerkdrager is met een pen scharnierend in het loopkatframe gelagerd. Daardoor wordt gegarandeerd dat altijd alle vier loopwielen op de loopkatrail rusten.
  • De takel dekt draagvermogens in een bereik van 1 t tot 40 t.

De dubbelrailloopkat dwars verlaagd (DQA):

  • In tegenstelling tot bij de dubbelrailloopkat verlaagd (DA) is het hijswerk bij de dubbelrailloopkat dwars verlaagd (DQA) 90° gedraaid, wat resulteert in een horizontale haakverplaatsing in verplaatsingsrichting van de kraan.

Bovendien kan, bij dezelfde afstand van de loopwerkdragers, een langere kabeltrommel worden gemonteerd, waardoor een langere haakverplaatsing mogelijk is.

  • De takel dekt draagvermogens in een bereik van 1 t tot 40 t.

De loopwerkaandrijving loopkat AZP (variant):

  • De loopwerkaandrijvingen zijn uitgerust met een draaistroommotor met poolomschakeling met elektromagnetische schijfrem en overbrenging.
  • De loopwerkaandrijvingen hebben een lage en een hoge rijsnelheid. De verhouding van de twee snelheden bedraagt 1/4.
  • De overbrenging van de loopwerkaandrijving is een onderhoudsvrije tweetraps of drietraps planetaire tandwieloverbrenging.

De loopwerkaandrijving loopkat AZF (variant):

  • De loopwerkaandrijvingen zijn uitgerust met een draaistroommotor met poolomschakeling met elektromagnetische schijfrem en overbrenging.
  • De loopwerkaandrijvingen hebben een lage en een hoge rijsnelheid. De verhouding van de twee snelheden bedraagt 1/4.
  • De overbrenging van de loopwerkaandrijving is een onderhoudsvrije vlakke tandwielkast met slipkoppeling
  • De loopwerkaandrijvingen van de maat V420 en V500 hebben een zichtbare uitgaande as.
  • Voor de ventilatie zijn de loopwerkaandrijvingen uitgerust met een ventilatorblad aan de motoras. Voor zeer lage rijsnelheden kunnen de loopwerkaandrijvingen ook worden uitgerust met een externe ventilator.

De hijswerkaandrijving met poolomschakelbare hijsmotor:

  • De hijswerkaandrijving wordt aangedreven door een poolomschakelbare 2/12-polige hijsmotor met overbrenging.
  • De hijsmotor heeft een elektromagnetisch bediende veerdrukrem.
  • De hijswerkaandrijving heeft een lage en een hoge hijssnelheid. De verhouding tussen beide hijssnelheden bedraagt 1/6.
  • De hijswerkaandrijving kan door stekkerverbindingen in het stekkerhuis, dat zich direct op de hijswerkaandrijving bevindt, snel van de rest van het elektrische systeem van de kraan worden losgekoppeld.
  • De hijswerkoverbrenging heeft een meertraps schroefwieloverbrenging in een lichtmetalen behuizing. Deze tandwielen draaien in een gesloten oliebad en worden daardoor gedurende de volledige levensduur gesmeerd.
  • Voor meer informatie over de poolomschakelbare hijswerkaandrijving, zie producthandboek „Poolomschakelbare modulaire ABUS-hijswerkaandrijving voor takels”.

Het hijswerk:

  • De kabel van het hijswerk is een speciale kabel met een zeer hoge breuksterkte. Hij bereikt een duidelijk langere levensduur dan een normale staalkabel.
  • De kabelgeleiding garandeert een perfect op- en afwikkelen van de kabel op de kabeltrommel. De kabeltrommel is van slijtvaste, gladde kunststof.
  • Het zogenaamde „True Vertical Lift-hijswerk” (optioneel) voorkomt een horizontale haakverplaatsing alsook haakrotatie, doordat de kabel vanaf beide zijden van de kabeltrommel wordt opgewikkeld. Hiervoor heeft de ene helft van de kabeltrommel een linkse draad en de andere helft een rechtse draad. Daardoor is een bijzonder nauwkeurige beweging mogelijk, omdat de lasthaak exact verticaal verloopt.

De twee kabelgeleidingen zijn verkrijgbaar in combinatie met een hijswerkaandrijving GM 5000 van plaatstaal en met een hijswerkaandrijving GM 7000 van slijtvaste, gladde kunststof.

Technische gegevens

Omgevingscondities tijdens bedrijf:

Omgevingstemperatuur
(voor normaal bedrijf)

-10 °C tot +40 °C

Omgevingstemperatuur
(bij verkorte inschakelduur)

+40 °C tot +65 °C

Behuizing

IP 55

Isolatieklasse

F

Geluidsemissie:

Tabel: Geluidsemissies conform DIN 45635, deel 61 vlg. de substitutiemethode met een geluidsvermogensbron.

Maat

Geluidsdrukniveau LP, m dB(A) op 4 m afstand

Geluidsvermogens-niveau LW, m dB(A)

GM 800

62

82

GM 1000

64

84

GM 2000

66

86

GM 3000

67

87

GM 5000

68

88

GM 6000

68

88

GM 7000

70

90

In de tabel is het geluidsdrukniveau LP op een afstand van 4 m van de takel aangegeven. Met het geluidsvermogensniveau LW kan het geluidsdrukniveau voor willekeurige afstanden worden berekend.

Takel vervoeren op een vrachtauto

Alleen bij niet-gemonteerde takel

Let onder andere op de volgende punten:

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug aufladen 3.jpg
  1. Zet alle losse onderdelen en leidingen vast.
  2. Borg de lading overeenkomstig de plaatselijke voorschriften.
  3. Zet de takel met geschikte bevestigingsmiddelen vast op het laadvlak.
  4. Borg de lasthaak, zodat deze tijdens het transport niet heen en weer kan schuiven.
  1. De kabel wordt door de kabelgeleiding op de kabeltrommel vastgehouden. Daardoor kan de kabel geen lussen vormen op de kabeltrommel en knikken in de kabel zijn uitgesloten.

Takel laden en lossen

Alleen bij niet-gemonteerde takel

Let onder andere op de volgende punten:

Takel met een kraan optillen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug angeschlagen 3.jpg
Ophangogen
  1. Gebruik een geschikt bevestigingsmiddel met lasthaken.
  2. Haak de lasthaken in de ophangogen van de takel.
  3. Neem de bepalingen inzake veilig werken in acht en til de takel op.

Takel neerzetten

  1. Leg houten balken op de vloer ter bescherming.
  2. Plaats de takel met het loopkatframe op de houten balken.
  3. Beschadig het haakblok niet bij het neerzetten.

Takel afvoeren

Wanneer de takel moet worden afgevoerd:

  1. Neem de takel zo veel mogelijk uit elkaar.
  2. Neem de plaatselijke voorschriften voor afvoer en recycling in acht.
  3. Voer de naar materiaal gescheiden onderdelen op milieuvriendelijke wijze af:
  • Voer olie en vet uit de aandrijvingen af als smeermiddel.
  • Voer remvoeringen af als samengestelde componenten (gevaarlijk afval).
  • Voer elektronische onderdelen af als elektronisch afval.
  • Voer kabels, stekkers en de handafstandsbediening af als elektronisch afval.
  • Voer loopkatframe, kabeltrommel, keerrollen, kabel en andere metalen onderdelen af als oud ijzer.
  • Voer behuizingsdeksel en onderzijde van de behuizing van de besturing af als kunststofafval.
  • Verwijder achteraf gespoten onderdelen van de takel overeenkomstig de voorschriften van de fabrikant van de lak.
elektrogesetz_muelleimer_ohne_balken_002
Dit product of elektrisch apparaat mag aan het einde van zijn levensduur niet met het huisvuil worden meegegeven.

Monteren en aansluiten

Dit geldt voor iedereen die aan de kraan werkt, voordat deze in gebruik wordt genomen.

De exploitant van de kraan is verantwoordelijk voor de keuze en de juiste kwalificatie van het inbedrijfstellingspersoneel.

Voorbeelden van bevoegde personen:

  • Personen met uitgebreide kennis dankzij een vaktechnische opleiding in de machinebouw en in de elektrotechniek van kranen.
  • Personen met voldoende ervaring op het gebied van gebruik, montage en onderhoud van kranen.
  • Personen met uitgebreide kennis op het gebied van de desbetreffende regels van de techniek, richtlijnen en veiligheidsvoorschriften die gelden in het betreffende land.
  • Personen met regelmatige scholing door ABUS.

ABUS aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor schade door onvakkundige en door niet gekwalificeerde personen uitgevoerde inbedrijfstelling.

ABUS adviseert de inbedrijfstelling door ABUS-montageteams te laten uitvoeren.

Voorwaarden controleren

Aan de volgende voorwaarden moet zijn voldaan om de takel te kunnen monteren.

Daarbij moeten onder andere deze punten in het kader van de technische goedkeuringsprocedure zijn afgestemd:

  • De gelaste kokerbalk waarop de takel beweegt, moet overeenkomen met het maatblad en gegevensblad.
  • De montage-afmetingen alsook de netspanning en bedrijfsspanning moeten aan de hand van het maatblad en het gegevensblad worden gecontroleerd.
  • De loopkatrails waarop de loopwielen van de takel rijden moeten vrij zijn van verf of andere deklagen.
  • De stroomtoevoer van de loopkat moet zijn uitgevoerd als kabelrups ABUPowerline of ABUS-sleepleiding.

Takel aan de hoofdtraverse monteren

Wanneer de takel nog niet is gemonteerd, hier verder gaan. Anders deze paragraaf overslaan.

De loopkat op de loopkraan tillen

Alleen bij loopkat D, DB of DA

Deze paragraaf geldt alleen als er een loopkat van het type D, DB of DA op een loopkraan wordt geplaatst.

Loopkatrelaiskast

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Katze D auflegen 3.jpg
Stroomtoevoer loopkat
  1. Draai de loopkat zoals getoond in de afbeelding.
  2. Plaats de loopkat met de loopwielen op de loopkatrail.
  3. Alleen bij geleidingswielen: zet de loopkat niet op de geleidingswielen. Deze raken anders beschadigd.
  4. Controleer of alle loopwielen contact met de loopkatrail maken.
Alleen bij loopkat DQA

Deze paragraaf geldt alleen als er een loopkat van het type DQA op een loopkraan wordt geplaatst.

Loopkatrelaiskast

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Katze DQA auflegen 3.jpg
Stroomtoevoer loopkatLift-off-beveiliging
  1. Draai de loopkat zodanig dat de loopkatrelaiskast naar de stroomtoevoer van de loopkat (kabelrups of sleepleiding) wijst.
  2. Kantel de loopkat licht en breng deze met de optilbeveiliging onder de bovenflens van de hoofdtraverse.
  3. Plaats de loopkat met de loopwielen op de loopkatrail.
  4. Alleen bij geleidingswielen: zet de loopkat niet op de geleidingswielen. Deze raken anders beschadigd.
  5. Controleer of alle loopwielen contact met de loopkatrail maken.

Lift-off-beveiliging monteren

De lift-off-beveiliging wordt aan de loopkat gemonteerd. Deze bestaat uit een haak die onder de bovenflens van de hoofdtraverse loopt. Daardoor kan de loopkat ook bij ongevallen of dergelijke niet van de hoofdtraverse vallen.

Alleen bij loopkat D, DB of DA

Deze paragraaf geldt alleen als er een loopkat van het type D, DB of DA op een loopkraan wordt geplaatst.

DraadbeugelKlembeugel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Abhubsicherung ZLK montieren 3.jpg
Lift-off-beveiliging
  1. Bevestig de klembeugel en draadbeugel aan de lift-off-beveiliging.
  2. Haak de lift-off-beveiliging vanaf de onderzijde in het niet aangedreven loopwiel.
  3. Schroef de klembeugel met zelfborgende moeren met karteling M8 (2x) vast. 25 Nm.
Alleen bij loopkat DQA

Deze paragraaf geldt alleen als er een loopkat van het type DQA op een loopkraan wordt geplaatst.

Zelfborgende bout met karteling

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Abhubsicherung DQA montieren 3.jpg
Lift-off-beveiliging
  1. Houd de lift-off-beveiliging tegen het loopkatframe.
  2. Schroef de lift-off-beveiliging vast met zelfborgende bouten met karteling (3x).

Zelfborgende bout met karteling

Aanhaalkoppel

M12x30

115 Nm

M16x35

210 Nm

Alleen bij loopkat DQA met hijswerkaandrijving GM 7000
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Abhubsicherung GM7000\Abhubsicherung rumklappen.png
Lift-off-beveiligingHoofdtraverse
  1. Klap de lift-off-beveiliging onder de hoofdtraverse.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Abhubsicherung GM7000\Abhubsicherung festschrauben.png
Zelfborgende bout met karteling M16x35Lift-off-beveiliging
  1. Schroef de lift-off-beveiliging vast met een zelfborgende bout met karteling M16x35. 300 Nm.

Stroomtoevoer loopkat monteren

Wanneer de stroommeenemer van de loopkat nog niet is gemonteerd, hier verder gaan. Anders deze paragraaf overslaan.

De stroommeenemer van de loopkat wordt boven de loopkatrelaiskast gemonteerd. Hij trekt de kabels voor de stroomtoevoer van de loopkat (sleepleiding of kabelrups) en de kruisschakelaar parallel aan de loopkat heen en weer.

Afhankelijk van de hoofdtraverse (I-drager of kokerbalk) en de soort stroomtoevoer (sleepleiding of kabelrups) moet de stroommeenemer van de loopkat anders worden gemonteerd.

Stroommeenemer loopkat monteren

Alleen bij loopkat D, DA of DB en kabelrups

Deze paragraaf geldt alleen als er een loopkat van het type D, DA of DB op een loopkraan met kabelrups wordt aangesloten.

De verschillende onderdelen van de stroommeenemer van de loopkat worden los bijgeleverd en moeten worden gemonteerd.

BuisklemHouder

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Katzstrommitnehmer montieren 3.JPG
Vierkante buisDraadbeugel
  1. De steun met draadbeugel en zelfborgende moeren (2x) aan de loopwerkdrager vastschroeven.

Draadbeugel

Aanhaalkoppel

M8

25 Nm

M10

50 Nm

M12

75 Nm

  1. Schroef de vierkante buis met twee buisklemmen aan de steun vast. 15 Nm.

KruisklemLosse onderdelen van de kabelrups

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Katzstrommitnehmer Unterteil montieren 3.jpg
BuisklemMeenemerbuis
  1. Meenemerbuis met buisklem en kruisklem aan verticale vierkante buis (stroommeenemer loopkat) schroeven. 15 Nm.
  2. Onderdelen van de kabelrups (geleidingssteun en aansluitelement) met een pen en een borgveer aan de meenemerbuis bevestigen.

KabelbinderFlat cable

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Energiekette an D-Katze einklicken 3.jpg
AansluitelementKabelrups
  1. Leid de flat cable uit de kabelrups en met een boog om de geleidingssteun.
  2. Bevestig de flat cable met een kabelbinder aan het bovenste gedeelte van de geleidingssteun.
  3. Schuif de kabelrups in het aansluitelement en klik deze vast.
Alleen bij loopkat DQA
en kabelrups

Deze paragraaf geldt alleen als er een loopkat van het type DQA op een loopkraan met kabelrups wordt aangesloten.

De verschillende onderdelen van de stroommeenemer van de loopkat worden los bijgeleverd en moeten worden gemonteerd.

Bevestigingsplaat

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Katzstrommitnehmer DQA montieren 3.jpg
Meenemerbuis
  1. Schuif de meenemerbuis van onderen in het loopkatframe.
  2. Schroef de bevestigingsplaat vast met zeskantbouten M8 en zeskantmoeren.
  3. Schuif de meenemerbuis tussen de bevestigingsplaat en het loopkatframe.
  4. Schroef de zeskantmoeren vast. 25 Nm.

KruisklemMeenemerbuis

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Katzstrommitnehmer DQA Querrohr montieren 3.jpg
BuisklemLosse onderdelen van de kabelrups
  1. Horizontale meenemerbuis met buisklem en kruisklem aan de verticale meenemerbuis (stroommeenemer loopkat) schroeven. 15 Nm.
  2. Onderdelen van de kabelrups (geleidingssteun en aansluitelement) met een pen en een borgveer aan de vierkante buis bevestigen.

KabelbinderFlat cable

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Energiekette an D-Katze einklicken 3.jpg
AansluitelementKabelrups
  1. Leid de flat cable uit de kabelrups en met een boog om de geleidingssteun.
  2. Bevestig de flat cable met een kabelbinder aan het bovenste gedeelte van de geleidingssteun.
  3. Schuif de kabelrups in het aansluitelement en klik deze vast.
Alleen bij loopkraan met sleepleiding

De stroommeenemer van de loopkat is bij levering aan het looprailverband bevestigd en moet aan de loopkat worden gemonteerd.

Bij loopkatten met een eindschakelaar voor het loopwerk van de loopkat: de eindschakelaar is reeds kant en klaar gemonteerd.

Stroommeenemer loopkat

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Katzstrommitnehmer Schleppleitung montieren mit Lupe 3.jpg
Markering
  1. Houd de gemonteerde stroommeenemer van de loopkat tegen de loopwerkdrager.

In de meeste gevallen is op de loopwerkdrager een markering aangebracht waarop de stroommeenemer van de loopkat moet worden gemonteerd. Voor deze positie is het schakelpunt van de eindschakelaar loopwerk loopkat alvast ingesteld en de kabellengtes zijn hieraan aangepast.

  1. Schroef de stroommeenemer met een draadbeugel en zelfborgende moeren met karteling (2x) vast.

Draadbeugel

Aanhaalkoppel

M8

25 Nm

M10

50 Nm

M12

75 Nm

Kruisschakelaar aan de stroommeenemer loopkat monteren

Alleen bij kruisschakelaar

Deze sectie is alleen van toepassing als de takel is voorzien van een kruisschakelaar in de looprichting van de loopkat.

Waar en voor welke bewegingsbegrenzing de kruisschakelaar is bestemd, is aangegeven in het schakelschema.

Kruisschakelaar monteren

BorgringZeskantmoer

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Einträger-Laufkran\einträger-Laufkran\KHS an Winkel schrauben.jpg
Cilinderkopbout M5x50Bevestigingshoekstuk
  1. Monteer het bevestigingshoekstuk met cilinderkopbouten M5x50 (2x) aan de kruisschakelaar.
  2. Schroef het bevestigingshoekstuk vast met borgringen en zeskantmoeren M5 (2x). 3 Nm.

Kruisschakelaar monteren

De kruisschakelaar wordt normaal gesproken gemonteerd aan de stroommeenemer loopkat.

Buisklem

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Katzfahr-Endschalter montieren 3.JPG
Kruisschakelaar
  1. Draai de kruisschakelaar in de positie 0.
  2. De positie van de kruisschakelaar is gemarkeerd met een pijl, die afhankelijk van de schakeltoestand verder gedraaid wordt.
  3. Schuif de kruisschakelaar zo op de vierkante buis, dat de schakelnok de kruisschakelaar bedient.
  4. Schroef de kruisschakelaar vast met buisklemmen (2x). 15 Nm.

Kruisschakelaar aansluiten

  1. Aansluitkabel (rondkabel of vlakkabel) van kruisschakelaar naar relaiskast leggen.
  2. Aansluitkabel met kabelschroefkoppeling in de relaiskast voeren.
  3. Indien nodig: klem de aansluitkabel aan koppeling of stekker.
  4. Bevestig de aansluitkabel met kabelbinders, kabelhouders en kleefklemmen.

Stroomtoevoer loopkat aansluiten

KabelschroefkoppelingStekkers en koppelingen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Katzstrommitnehmer Leitungen verlegen 3.JPG
AansluitkabelsKabelbinder
  1. Leg de aansluitkabels van de kabelrups langs de vierkante buizen naar de loopkatrelaiskast.
  2. Bevestig de aansluitkabels netjes met kabelbinders.
  3. Steek de stekkers en koppelingen in de loopkatrelaiskast of steek de aansluitkabels door kabelschroefkoppelingen in de loopkatrelaiskast.

Tweede loopkat monteren

Alleen bij kraan met twee loopkatten

Instructies voor de montage van de tweede loopkat:

  • Waar en in welke richting de tweede loopkat gemonteerd wordt, is in de planningsdocumenten aangegeven.
  • Om verwarring te voorkomen hebben de loopkatten het opschrift „Loopkat I” en „Loopkat II”.
  • De montage van de loopkat en van de stroomtoevoer naar de loopkat verschilt niet van die van de eerste loopkat. De volgende afbeelding verduidelijkt hoe de stroomtoevoer naar de loopkat wordt gelegd.

Kabelrups voor loopkat IKabelrups voor loopkat II

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Zweite Katze montieren 3.jpg
Profielrail voor beide kabelrupsenAansluitkabels voor beide kabelrupsen
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Zwei Katzen Energiekette 3.jpg
  • Een kraan met twee loopkatten heeft twee profielrails. De bovenste voor beide kabelrupsen, de onderste voor de kabelgeleiding.
  • Beide loopkatten hebben elk een eigen kabelrups naar de loopkat-stroomtoevoer. De ene loopt vanaf de loopkat naar links, de andere naar rechts.
  • Beide kabelrupsen beginnen in de bovenste profielrail precies in het midden van de hoofdtraverse. De ene loopt van daaruit linksom door de profielrail naar de loopkat, de andere rechtsom.
  • De beide kabelrupsen gaan in het midden van de hoofdtraverse over in de aansluitkabels. De aansluitkabels lopen in de onderste profielrail naar de relaiskast.

Overzicht aanhaalkoppels

Steunen aan loopwerkdrager en buisklemmen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Anziehmoment Katzstromzuführung 3.jpg

Draadbeugel

Type en maat

Aantal

Aanhaalkoppel

M8

Zelfborgende moer met karteling M8

2x

25 Nm

M10

Zelfborgende moer met karteling M10

2x

50 Nm

M12

Zelfborgende moer met karteling M12

2x

75 Nm

Lift-off-beveiliging met loopkat D, DB of DA

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Anziehmoment Abhubsicherung ZKL 3.jpg
  • Zelfborgende moer met karteling M8
  • 2x per optilbeveiliging
  • 25 Nm

Lift-off-beveiliging loopkat DQA

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Anziehmoment Abhubsicherung DQA 3.jpg

Type en maat

Aantal

Aanhaalkoppel

Zelfborgende bout met karteling M12x30

3x

115 Nm

Zelfborgende bout met karteling M16x35

3x

210 Nm

Alleen bij loopkat DQA met hijswerkaandrijving GM 7000
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Abhubsicherung GM7000\Anzieh-Drehmoment.png
  • Zelfborgende bout met karteling M16x35
  • 300 Nm

Stroommeenemer loopkat DQA

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Anziehmoment Katzstrommitnehmer DQA 3.jpg
  • Zeskantbout M8 met zeskantmoer
  • 6x
  • 25 Nm

Controleren

Dit geldt voor iedereen die de kraan overeenkomstig de bepalingen inzake veilig werken keurt en oplevert.

Om te beginnen

Testintervallen

De regelmatige keuring vindt ten minste één keer per jaar plaats.

Onder bepaalde voorwaarden is een regelmatige keuring vaker nodig. Redenen zijn:

  • veelvuldig werken met het draagvermogen,
  • werken in meerploegendiensten,
  • veelvuldig gebruik,
  • stoffige of agressieve omgeving.

De exploitant is ervoor verantwoordelijk de voorwaarden te controleren en de testintervallen vast te leggen. ABUS staat in geval van vragen graag tot uw beschikking.

Eisen aan de keurmeester

De exploitant van de kraan is verantwoordelijk voor de keuze en de juiste kwalificatie van de keurmeester.

Voorbeelden van bevoegde personen:

  • Personen met uitgebreide kennis dankzij een vaktechnische opleiding in de machinebouw en in de elektrotechniek van kranen.
  • Personen met voldoende ervaring op het gebied van gebruik, montage en onderhoud van kranen.
  • Personen met uitgebreide kennis op het gebied van de desbetreffende regels van de techniek, richtlijnen en veiligheidsvoorschriften die gelden in het betreffende land.
  • Personen met regelmatige scholing door ABUS.

Omvang van de keuring

De bevoegde persoon die de takel keurt, is verantwoordelijk voor de omvang en de soort keuring.

Overzicht: takel controleren

Naast de hier beschreven punten moeten ook alle punten worden gecontroleerd die in andere meegeleverde producthandboeken zijn beschreven.

De beslissing of de takel in een onberispelijke toestand is, ligt bij de keurmeester. Wanneer er gebreken worden vastgesteld, moeten deze worden verholpen. De keurmeester beslist of de takel daarna opnieuw moet worden gekeurd.

Als er door de ter plaatse geldende voorschriften nog meer keuringen worden geëist, dienen deze eveneens te worden uitgevoerd.

Daarnaast in ieder geval deze punten controleren:

  1. Controleer de kabel. Zie „Kabel controleren”.
  2. Controleer lasthaak en haakblok. Zie „Lasthaak en haakblok controleren”.
  3. Controleer de randbescherming aan het haakblok (visuele controle).
  4. Controleer de ankerbloktraverse. Zie „Ankerbloktraverse controleren”.
  5. Controleer de traverse met keerrol. Zie „Traverse met keerrol controleren”.
  6. Controleer de kabelgeleiding. Zie „Lasthaak en haakblok controleren”.
  7. Controleer het ankerblok. Zie „Kabelgeleiding controleren”.
  8. Controleer de eindklemmen van de kabeltrommel. De eindklemmen moeten aanwezig zijn en mogen niet sterk beschadigd zijn.
  9. Controleer de diameter van het loopwiel. Zie „Diameter van de loopwielen controleren”.
  10. Controleer de slijtage van de wielflens van de loopwielen. Zie „Slijtage wielflens controleren”.
  11. Controleer de lift-off-beveiliging. Zie „Lift-off-beveiliging controleren”.
  12. Controleer de toestand van de veiligheidsbuffers. Zie „Lift-off-beveiliging controleren”.
  13. Controleer de rem van de hijswerkaandrijving en/of loopwerkaandrijving.

Zie producthandboek „Poolomschakelbare modulaire ABUS-hijswerkaandrijving voor takels”.

  1. Controleer de remweg van de loopwerkaandrijvingen van de loopkat.

Kabel controleren

  1. Controleer de volledige kabel op schade. De hier afgebeelde schade of vergelijkbare schade mag niet op de kabel te zien zijn.

Voorbeelden van schade:

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Seilschäden Gefügeöffnung 3.JPG
De structuur van de kabel is geopend. De binnenste strengen van de kabel zijn zichtbaar.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Seilschäden Schlaufenbildung 3.JPG
Er hebben zich lussen in de kabel gevormd.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Seilschäden Knick 3.JPG
De kabel bevat een knik. Deze ontstaat bijvoorbeeld door brute, externe krachtinwerking op de kabel.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Seilschäden Abplattung 3.JPG
De kabel is op een plek plat geworden. Dit gebeurt bijvoorbeeld door beknelling van de kabel.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Seilschäden Korbbildung 3.JPG
In de kabel heeft zich een korf gevormd. Deze ontstaat bijvoorbeeld door het bruut opendraaien van de kabel.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Seilschäden Korkenzieher 3.JPG
De kabel heeft een kurkentrekkerachtige vervorming.

  1. Controleer de volledige kabel op draadbreuk. De kabel mag op een lengte van 6 x kabeldiameter of 30 x kabeldiameter niet meer draadbreuken hebben dan in het fabriekscertificaat voor kabels in het onderhoudsboek is aangegeven.

Voorbeelden van draadbreuken:

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Seilschäden Drahtbruch 3.JPG
Meerdere draadbreuken. Draadbreuken zijn tekenen van normale slijtage van de kabel. Ze ontstaan wanneer de kabel onder last op de kabelschijven wordt gebogen.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Seilschäden abstehender Drahtbruch 3.JPG
Draadbreuk met uitstekende draad.
  1. Als de hier afgebeelde schade of vergelijkbare schade op de kabel te zien is, verwijder de kabel dan en breng een nieuwe kabel aan.
  2. Als de kabel draadbreuken heeft, maar nog niet zo veel als toegestaan, verkort dan het interval tot de volgende regelmatige keuring.
  3. Als de kabel meer draadbreuken heeft dan is toegestaan, verwijder de kabel dan en breng een nieuwe kabel aan.

Lasthaak en haakblok controleren

De soepele werking controleren

Lasthaak-traverse

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Unterflasche Seilzug\Lasthaken Leichtgängigkeit prüfen.png
Lasthaak
  1. Draai de lasthaak linksom en rechtsom.

De lasthaak moet soepel lopen en vrij kunnen draaien.

  1. Zwenk de lasthaak aan de lasthaak-traverse heen en weer.

De lasthaak-traverse moet vrij kunnen zwenken.

  1. Als de lasthaak niet soepel loopt of vrij draaibaar of zwenkbaar is, moet deze worden gerepareerd.

Zijwang aan het haakblok controleren

Zijwang

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Unterflasche Seilzug\Lasche prüfen.png
  1. Controleer de zijwangen. Ze mogen geen scheuren hebben, vervormd zijn of anderszins beschadigd zijn.
  1. Als de zijwangen vervormd of anderszins beschadigd zijn, moeten deze worden vervangen.

Vervorming en slijtage van de lasthaak meten

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Lasthaken groß Aufweitung 3.jpg
  1. Meet afstand „y” tussen beide ingeslagen markeringen in de lasthaak.
  2. Lees de gewenste afstand voor „y” af in het onderhoudsboek of, indien nodig, van de lasthaak.

De gemeten afstand „y” mag niet groter zijn dan 1,1x de gewenste afstand „y”.

Bij ramshoornhaken worden de afstanden „y1” en „y2” telkens van de markering op de punt van de lasthaak tot de markering op de haakstift gemeten en apart vergeleken.

  1. Meet voethoogte „f” van de lasthaak.
  2. Vergelijk de gemeten waarde met de tabel.

De gemeten voethoogte „f” mag niet kleiner zijn dan de waarde aangegeven in de tabel. In de tabel is de minimale voethoogte aangegeven.

Grootte van de lasthaak

Type lasthaak

Minimale voethoogte „f” [mm]

1

Enkele haak

38

1,6

Enkele haak

45,6

2,5

Ramshoornhaak

47,5

2,5

Enkele haak

55,1

4

Ramshoornhaak

57

4

Enkele haak

63,7

6

Ramshoornhaak

71,3

6

Enkele haak

80,8

Grootte van de lasthaak

Type lasthaak

Minimale voethoogte „f” [mm]

8

Ramshoornhaak

80,8

8

Enkele haak

90,3

10

Ramshoornhaak

90,3

10

Enkele haak

100,7

12

Ramshoornhaak

100,7

12

Enkele haak

112,1

16

Ramshoornhaak

112,1

16

Enkele haak

125,4

20

Ramshoornhaak

125,4

20

Enkele haak

142,5

25

Ramshoornhaak

142,5

25

Enkele haak

161,5

32

Ramshoornhaak

161,5

32

Enkele haak

180,5

40

Ramshoornhaak

180,5

40

Enkele haak

201,4

  1. Als de lasthaak verder wordt geopend dan is toegestaan of als de voethoogte geringer is dan toegestaan, moet de lasthaak worden vervangen.

Voer geen reparatielassen (bijv. opbouwlassen) uit aan de lasthaak of aan de lasthaakmoer.

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Hakengrund bearbeiten 3.jpg
Scherpe rand aan de overgang naar het aangrenzende vlak in de bek van de haakUitstekende braam
  1. Controleer de slijtvlakken in de bek van de haak. Deze moeten vloeiend overgaan in de aangrenzende vlakken. Ze mogen geen scherpe groeven, randen of andere afwijkingen vertonen.
  2. Controleer de randen. De randen aan de zijkant van de lasthaak mogen geen naar buiten uitstekende bramen of andere oppervlaktefouten hebben.
  3. Als de aan slijtage onderhevige oppervlakken of randen aan de zijkant scherpe groeven of randen hebben, mogen deze glad worden gemaakt (bijv. gevijld). Ook na het gladmaken moeten de bovenstaande grenswaarden voor de voethoogte in acht worden genomen.

Oppervlak van de lasthaak controleren

  1. Controleer het oppervlak van de lasthaak. Het mag geen gebreken, barsten of corrosie vertonen.
  2. Indien het oppervlak van de lasthaak zelfs enigszins niet in orde is, moet de lasthaak worden verwijderd en het oppervlak van de haakstift worden gecontroleerd. Het mag geen gebreken, barsten of corrosie vertonen.

Verdraaibeveiliging van de lasthaakmoer controleren

Bij lasthaak met verdraaibeveiliging door spanbus:

Lasthaakmoer

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Unterflasche Seilzug\Verdrehsicherung klein prüfen.png
Spanbus
  1. Kantel de lasthaak totdat de verdraaibeveiliging goed zichtbaar is.
  2. Controleer de rotatiebeveiliging. De spanbus moet aanwezig zijn, mag niet beschadigd of gebroken zijn en moet stevig vastzitten.
  3. Indien de spanbus ontbreekt of beschadigd is, moet deze worden vervangen.

Bij lasthaak met rotatiebeveiliging door borgplaat:

Borgplaat

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Unterflasche Seilzug\Verdrehsicherung groß prüfen.png
Lasthaakmoer
  1. Kantel de lasthaak totdat de verdraaibeveiliging goed zichtbaar is.
  2. Controleer de rotatiebeveiliging. De borgplaat moet aanwezig zijn, mag niet beschadigd zijn en moet stevig vastzitten.
  3. Indien de borgplaat ontbreekt of beschadigd is, moet deze worden vervangen.

Haakklep controleren

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Unterflasche Seilzug\Hakenmaulsicherung prüfen.png
Haakklep
  1. Controleer de haakklep. Deze moet aanwezig, functioneel en soepel lopend zijn en mag niet vervormd of anderszins beschadigd zijn.
  2. Indien de haakklep ontbreekt, beschadigd is of niet goed werkt, moet deze worden vervangen.

Ankerbloktraverse controleren

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 3000 met inschering 2/1 of 4/1

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 3000 is de ankerbloktraverse met pennen en borgveren op lagerbussen gemonteerd.

Pen met
borgveer
Pen met
borgveer

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Einschienenlaufkatze\Festpunkttraverse prüfen.png
Draadhuis met wig en draadklemAnkerbloktraverse
  1. Controleer de bevestiging. De ankerbloktraverse moet stevig bevestigd zijn en alle pennen moeten met borgveren geborgd zijn.
  2. Controleer de ankerbloktraverse.

De boorgaten en de onderste opening mogen geen scheuren hebben of anderszins beschadigd zijn.

  1. Controleer de lagerbussen op beschadiging. De lagerbussen mogen geen scheuren hebben of anderszins beschadigd zijn.
  2. Als er componenten ontbreken of beschadigd zijn: vervang de componenten.

Zie „Ankerbloktraverse met draadhuis en wig vervangen”.

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 5000 tot GM 7000 met inschering 2/1, 4/1 of 6/1

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 5000 tot GM 7000 is de ankerbloktraverse met een vanaf de zijkant ingeschoven pen met deksel aan zijplaten aan het loopkatframe op lagerbussen gemonteerd.

AnkerbloktraverseDeksel met zelfborgende bouten met karteling

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug U\Unterflanschlaufkatze\Festpunkttraverse prüfen.png
Draadhuis met wig en draadklem
  1. Controleer de bevestiging. De ankerbloktraverse moet stevig bevestigd zijn en de pen moet met een deksel geborgd zijn.
  2. Controleer de ankerbloktraverse.

De boorgaten en de onderste opening mogen geen scheuren hebben of anderszins beschadigd zijn.

  1. Controleer de lagerbussen op beschadiging. De lagerbussen mogen geen scheuren hebben of anderszins beschadigd zijn.
  2. Als er componenten ontbreken of beschadigd zijn: vervang de componenten.
  3. Zie „Ankerbloktraverse met draadhuis en wig vervangen”.

Traverse met keerrol controleren

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 6000 met inschering 4/1

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 6000 is de traverse met keerrol met pennen en borgveren op lagerbussen gemonteerd.

Pen met
borgveer
Lagerbus

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Einschienenlaufkatze\Umlenkrollentraverse prüfen.png
DekselKeerrol
  1. Controleer de traverse met keerrol.
    De boringen mogen geen scheuren hebben of anderszins beschadigd zijn.
  2. Controleer de keerrol.
    Deze mag geen diepe sporen of sterke slijtage hebben.

Een nauwkeurige controle van de keerrol is mogelijk met een speciale sjabloon. Neem hiervoor contact op met de ABUS-service. Zie „ABUS-service”.

  1. Pennen en borgveren moeten aanwezig en geborgd zijn.
  2. Controleer de lagerbussen op beschadiging. De lagerbussen mogen geen scheuren hebben of anderszins beschadigd zijn.
  3. Als er componenten ontbreken of beschadigd zijn: vervang de componenten.

Zie „Traverse met keerrol bij inschering 4/1 of 6/1 vervangen”.

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 6000 en inschering 6/1

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 6000 en een inschering 6/1 zijn de twee keerrollen in het loopkatframe gemonteerd.

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM6000\Umlenkrollen prüfen 3.jpg
  1. Controleer de traverse met keerrol.
    De boringen mogen geen scheuren hebben of anderszins beschadigd zijn.
  2. Controleer de keerrol.
    Deze mag geen diepe sporen of sterke slijtage hebben.
  3. Controleer de ophanging van de traverse met keerrol.

De ophanging moet voldoende gesmeerd zijn, zodat de traverse met keerrol heen en weer kan bewegen.

  1. Pennen en borgveren moeten aanwezig en geborgd zijn.
  2. Als er componenten ontbreken of beschadigd zijn: vervang de componenten.

Zie „Traverse met keerrol bij inschering 4/1 of 6/1 vervangen”.

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 7000 en inschering 4/1

Bij de takel met hijswerkaandrijving GM 7000 en een inschering 4/1 is de traverse met keerrol aan de buitenkant van het loopkatframe aangebracht.

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D\Umlenkrollentraverse GM7000 prüfen 3.jpg
  1. Controleer de traverse met keerrol.
    De boringen mogen geen scheuren hebben of anderszins beschadigd zijn.
  2. Controleer de keerrol.
    Deze mag geen diepe sporen of sterke slijtage hebben.
  3. Controleer de ophanging van de traverse met keerrol.

De ophanging moet voldoende gesmeerd zijn, zodat de traverse met keerrol heen en weer kan bewegen. Zie „Traverse met keerrol”.

  1. Pennen en borgveren moeten aanwezig en geborgd zijn.
  2. Als er componenten ontbreken of beschadigd zijn: vervang de componenten.

Zie „Traverse met keerrol bij inschering 4/1 of 6/1 vervangen”.

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 7000 en inschering 6/1

Bij de takel met hijswerkaandrijving GM 7000 en een inschering 6/1 zijn de traversen met keerrol in het loopkatframe gemonteerd.

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM7000\Umlenkrollentraverse prüfen 3.jpg
  1. Controleer de traverse met keerrol.
    De boringen mogen geen scheuren hebben of anderszins beschadigd zijn.
  2. Controleer de keerrol.
    Deze mag geen diepe sporen of sterke slijtage hebben.
  3. Controleer de ophanging van de traverse met keerrol.

De ophanging moet voldoende gesmeerd zijn, zodat de traverse met keerrol heen en weer kan bewegen. Zie „Traverse met keerrol”.

  1. Als er componenten ontbreken of beschadigd zijn: vervang de componenten.

Zie „Traverse met keerrol bij inschering 4/1 of 6/1 vervangen”.

Alleen bij takel met inschering 4/2 en 8/2

Deze paragraaf geldt alleen bij een inschering 4/2 of 8/2. In dit geval is de meetstift in de traverse met keerrol gemonteerd.

LagerbusHouder

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Prüfung Umlenkrollentraverse.png
MeetstiftPen met borgveer
  1. Controleer de traverse met keerrol.
    De boringen mogen geen scheuren hebben of anderszins beschadigd zijn.
  2. Controleer de keerrol.
    Deze mag geen diepe sporen of sterke slijtage hebben.

Een nauwkeurige controle van de keerrol is mogelijk met een speciale sjabloon. Neem hiervoor contact op met de ABUS-service. Zie „ABUS-service”.

  1. Pennen en borgveren moeten aanwezig en geborgd zijn.
  2. Controleer de lagerbussen op beschadiging. De lagerbussen mogen geen scheuren hebben of anderszins beschadigd zijn.
  3. Als er componenten ontbreken of beschadigd zijn: vervang de componenten.

Zie „Traverse met keerrol bij inschering 4/2 of 8/2 vervangen”.

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 7000 en inschering 8/2

Bij een takel met een inschering 8/2 zijn twee extra keerrollen in het loopkatframe gemonteerd.

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 8-2\Umlenkrollentraverse prüfen 3.jpg
  1. Controleer de traverse met keerrol.
    De boringen mogen geen scheuren hebben of anderszins beschadigd zijn.
  2. Controleer de keerrol.
    Deze mag geen diepe sporen of sterke slijtage hebben.
  3. Controleer de ophanging van de traverse met keerrol.

De ophanging moet voldoende gesmeerd zijn, zodat de traverse met keerrol heen en weer kan bewegen.

  1. Als er componenten ontbreken of beschadigd zijn: vervang de componenten.

Zie „Traverse met keerrol bij inschering 4/2 of 8/2 vervangen”.

Kabelgeleiding controleren

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 800, GM 1000, GM 2000 en GM 3000
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Seilführung prüfen 3.jpg
  1. Controleer de kabelgeleiding. De kunststof onderdelen mogen geen scheuren hebben, niet vervormd zijn en geen schuurplekken hebben die door de kabel zijn ontstaan.
  2. Controleer de kabelgeleiding op soepelheid.
  3. Controleer de smering van de kabelgeleiding.
  4. Als de kabelgeleiding beschadigd is: vervang de kabelgeleiding. Zie „Kabel met inschering 2/1, 4/1 of 6/1 vervangen”.
Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 5000, GM 6000 en GM 7000
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug Z\Seilführung prüfen 3.jpg
  1. Controleer de kabelgeleiding. De kunststof onderdelen mogen geen scheuren hebben, niet vervormd zijn en geen schuurplekken hebben die door de kabel zijn ontstaan.
  2. Controleer de kabelgeleiding op soepelheid.
  3. Controleer de smering van de kabelgeleiding.
  4. Als de kabelgeleiding beschadigd is: vervang de kabelgeleiding. Zie „Kabel met inschering 2/1, 4/1 of 6/1 vervangen”.
Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 5000 en True Vertical Lift-hijswerk
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Seilführung prüfen 3.jpg
  1. Controleer de kabelgeleiding. De kunststof onderdelen mogen geen scheuren hebben, niet vervormd zijn en geen schuurplekken hebben die door de kabel zijn ontstaan.
  2. Controleer de kabelgeleiding op soepelheid.
  3. Controleer de smering van de kabelgeleiding.
  4. Als de kabelgeleiding beschadigd is: vervang de kabelgeleiding. Zie „Kabel met inschering 4/2, of 8/2 vervangen”.

Ankerblok controleren

Alleen bij takel met inschering 2/1, 4/1 of 6/1

Wig controleren

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Keilmaß prüfen 3.jpg
  1. Meet de wiguitsteekmaat (onderzijde wig tot onderzijde draadhuis).
  2. Meet de draadklemafstand (bovenzijde draadklem tot onderzijde wig).
  3. De gemeten waarden mogen de waarden in de tabel niet overschrijden.

Maat

Maximale wiguitsteek-maat

Minimale wiguitsteek-maat

GM 800

19 mm

18 mm

GM 1000

4 mm

3 mm

GM 2000

2 mm

0 mm

GM 3000

18 mm

16 mm

GM 5000

22 mm

19 mm

GM 6000

31 mm

28 mm

GM 7000

29 mm

26 mm

  1. Als de wig te ver uit het draadhuis steekt of als de draadklem te dicht bij de wig is aangebracht: vervang draadhuis en wig. Zie „Ankerbloktraverse met draadhuis en wig vervangen”.

Opmerking

De aangegeven minimale draadklemafstand komt altijd exact overeen met de kabeldiameter van de takel.

Diameter van de loopwielen controleren

Tijdens het bedrijf slijten de loopvlakken van de loopwielen. Daardoor wordt de diameter van de loopwielen steeds kleiner.

Loopwiel blootleggen

Stootbufferplaat

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Fahrwerksträger\Laufrad freilegen.png
Zelfborgende moerKunststof ring
  1. Schroef de zelfborgende moeren (4x) eraf.
  2. Vanaf maat 160: kunststof schijven (4x) verwijderen.
  3. Verwijder de stootbufferplaat.

Diameter meten

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Durchmesser prüfen 3.png
  1. Meet de diameter van het loopwiel op meerdere plaatsen over de breedte van het loopwiel.
  1. De diameter mag niet kleiner zijn dan aangegeven in de tabel.

Als de diameter kleiner is, moet het loopwiel worden vervangen. Zie „Aangedreven loopwiel demonteren”.

Loopwiel

Maximaal toegestane slijtage

Min. diameter

130

-3 mm

97 mm

160

-3 mm

157 mm

200

-4 mm

196 mm

280

-5 mm

275 mm

350

-5 mm

345 mm

420

-5 mm

415 mm

500

-5 mm

495 mm

Slijtage wielflens controleren

De kerven in de wielflenzen geven de slijtage van de wielflenzen aan.

Opmerking

Controleer eerst de speling van de wielflens. Als de speling van de wielflens te groot is, moeten de wielflenzen worden gecontroleerd.

Wielflens

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Laufräder prüfen 3.jpg
Kerven
  1. Controleer de wielflenzen van de loopwielen: de wielflenzen mogen niet zo ver zijn afgesleten dat in de wielflens (in plaats van de kerven) een doorlopende groef te zien is. Vervang anders de loopwielen. Zie „Aangedreven loopwiel demonteren”.

Lift-off-beveiliging controleren

Alleen bij takel D, DA en DB
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Anziehmoment Abhubsicherung ZKL 3.jpg
  1. Controleer de lift-off-beveiliging op slijtage en beschadiging.

Als de lift-off-beveiliging beschadigd is, moet deze worden vervangen. Controleer de takel in dit geval op nog andere beschadigingen, omdat het kan zijn dat de takel op de loopkatrail is gesprongen.

  1. Controleer de lift-off-beveiliging met een lichte tik van de hamer op goede bevestiging.

Als de zelfborgende moeren met karteling van de lift-off-beveiliging los zitten, moeten deze worden vastgedraaid.

Alleen bij takel DQA
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Anziehmoment Abhubsicherung DQA 3.jpg
  1. Controleer de lift-off-beveiliging op slijtage en beschadiging.

Als de lift-off-beveiliging beschadigd is, moet deze worden vervangen. Controleer de takel in dit geval op nog andere beschadigingen, omdat het kan zijn dat de takel op de loopkatrail is gesprongen.

  1. Controleer de lift-off-beveiliging met een lichte tik van de hamer op goede bevestiging.

Als de zelfborgende bouten met karteling van de lift-off-beveiliging los zijn, moeten deze worden vastgedraaid.

Alleen bij loopkat DQA en hijswerkaandrijving GM 7000
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Abhubsicherung GM7000\Anzieh-Drehmoment.png
  • Zelfborgende bout met karteling M16x35
  • 300 Nm

Toestand veiligheidsbuffer controleren

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Sicherheitspuffer prüfen 3.jpg
  1. Controleer alle veiligheidsbuffers. De veiligheidsbuffers mogen niet poreus, geplet, krom of anderszins beschadigd zijn.
  2. Controleer het materiaal van de veiligheidsbuffers over de gehele omvang. De kunststof mag op geen enkele plaats scheuren in het oppervlak hebben.
  3. Druk de veiligheidsbuffers met de vinger in. De veiligheidsbuffers moeten iets ingedrukt kunnen worden en vervormbaar zijn.
  1. Wanneer een van de veiligheidsbuffers ook maar enigszins beschadigd is, moeten alle veiligheidsbuffers van de gehele takel worden vervangen. Zie „Veiligheidsbuffer vervangen”.
  2. Wanneer een van de veiligheidsbuffers niet ingedrukt kan worden, moeten alle veiligheidsbuffers van de gehele takel worden vervangen. Zie „Veiligheidsbuffer vervangen”.

Onderhoud

Dit geldt voor iedereen die de kraan onderhoudt, repareert of ombouwt.

De exploitant van de kraan is verantwoordelijk voor de keuze en de juiste kwalificatie van het onderhoudspersoneel.

Voorbeelden van bevoegde personen:

  • Personen met uitgebreide kennis dankzij een vaktechnische opleiding in de machinebouw en in de elektrotechniek van kranen.
  • Personen met voldoende ervaring op het gebied van gebruik, montage en onderhoud van kranen.
  • Personen met uitgebreide kennis op het gebied van de desbetreffende regels van de techniek, richtlijnen en veiligheidsvoorschriften die gelden in het betreffende land.
  • Personen met regelmatige scholing door ABUS.

ABUS aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor schade door niet vakkundig en door niet gekwalificeerde personen uitgevoerd onderhoud.

ABUS adviseert het onderhoud door de ABUS-service te laten uitvoeren.

Uitsluitend originele ABUS-reserveonderdelen gebruiken. Anders vervalt de aanspraak op garantie.

Richtlijnen voor de veiligheid bij het onderhoud

De volgende veiligheidsvoorschriften bij alle onderhoudswerkzaamheden aan de takel in acht nemen:

  • Schakel de netstroomschakelaar uit. Beveilig de schakelaar, zodat deze niet per ongeluk weer wordt ingeschakeld.
  • Open de stroomonderbreker in de kraanrelaiskast. Beveilig de stroomonderbreker beveiligen met hangslot, zodat deze niet onbedoeld weer kan worden gesloten.
  • Gebruik een geschikt werkplatform en een valbeveiliging.
  • Zet de werkruimte rondom het platform ruim af.
  • Schakel andere kranen op dezelfde kraanbaan of kranen boven of onder de te onderhouden kraan uit. Schakelaars beveiligen, zodat deze niet per ongeluk weer kunnen worden ingeschakeld. Andere kranen zouden anders het werkplatform kunnen omgooien of tegen de te onderhouden kraan kunnen botsen.
  • Personen in de directe omgeving op de hoogte van het onderhoud brengen.
  • Werkzaamheden aan het elektrische gedeelte van de kraan mogen uitsluitend door geschoolde elektriciens worden uitgevoerd!
  • Ook na het indrukken van de noodstopknop staan er hoge spanningen op de kraanbesturing en de loopkatbesturing, die dodelijk letsel tot gevolg kunnen hebben.

Deze veiligheidsaanwijzingen gelden speciaal voor de takel:

  • Beknellingsgevaar!
    Tussen de loopwielen, kabeltrommel en keerrol kunnen vingers bekneld raken wanneer de takel onbedoelde bewegingen maakt of wanneer er onvoorzichtig gewerkt wordt.
    Beveilig de takel. Werk zorgvuldig!

Kabel met inschering 2/1, 4/1 of 6/1 vervangen

Als de kabel beschadigd is of meerdere draadbreuken heeft dan toegestaan (zie „Kabel controleren”), moet deze worden vervangen.

Als de kabelgeleiding beschadigd is (zie „Kabelgeleiding controleren”), moet deze worden vervangen.

Kabel en kabelgeleiding zijn aan slijtage onderhevige onderdelen, die zwaar worden belast door de last. Tijdens het bedrijf slijten ze elkaar af. Daarom moeten kabel en kabelgeleiding altijd samen worden vervangen.

De kabel is een speciale hijskabel met een zeer hoge breuksterkte. Hij bereikt een duidelijk langere levensduur dan een normale draadkabel. Gebruik daarom uitsluitend originele onderdelen van ABUS.

Als de wig of het draadhuis beschadigd zijn (zie „Ankerbloktraverse met draadhuis en wig vervangen”), moeten deze worden vervangen. Ze worden meestal vervangen als ook kabel en kabelgeleiding worden vervangen.

Deze veiligheidsaanwijzingen gelden speciaal voor het vervangen van de kabel:

  • Zet de werkomgeving onder de takel ruim af.
  • Maak de vloer bezemschoon.

Dit vermindert verontreiniging van de nieuwe kabel.

  • Zet een schaarhoogwerker met voldoende oppervlak onder het haakblok.

Dit is alleen mogelijk bij een inschering 2/1 en 4/1.

Let op het draagvermogen van de hoogwerker!

  • Indien er geen afrolinrichting aanwezig is om de kabel uit te rollen, is er voldoende vrije ruimte vereist.
  • Plaats een bouwcontainer of iets dergelijks voor de oude kabel vlak bij de hoogwerker en het haakblok.
  • Vanaf een kabeldiameter boven 11 mm moet de kabel met twee personen worden vervangen.

Vervangen van kabel voorbereiden

  1. Beweeg de lasthaak tot onder het bovenste eindschakelaarbereik.
  2. Meet en noteer de positie van de lasthaak.

Daardoor kan het instellen van de eindschakelaar hijsen na het vervangen van de kabel in veel gevallen komen te vervallen.

Alleen bij ABUControl

Als bij de takel de besturing ABUControl is geïnstalleerd, zie dan producthandboek „ABUControl”, hoofdstuk „Kabel vervangen” om het vervangen van de kabel voor te bereiden.

Het vervangen van de kabel is daarna verder in dit producthandboek beschreven.

Alleen bij ABUS elektra 3 met relaisbesturing of ABULiner

Eindschakelaar hijsen demonteren

Opdat de kabel gemotoriseerd van de kabeltrommel kan worden afgewikkeld, moet de eindschakelaar hijsen worden gedemonteerd. Anders stopt de kabeltrommel op de onderste haakstand.

Grensschakelaar hijsenTap van de kabeltrommel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilzug modular neu\GGS abnehmen.png
  1. Open de behuizing van de eindschakelaar hijsen.
  2. Bouten (2x) eruit schroeven.
  3. Verwijder de eindschakelaar hijsen.
  4. Laat de as van de eindschakelaar hijsen in positie en verdraai deze niet.

Daardoor kan het instellen van de eindschakelaar hijsen na het vervangen van de kabel in veel gevallen komen te vervallen.

  1. Borg de eindschakelaar hijsen, zodat hij niet naar beneden valt of aan de aansluitkabels hangt.

Ankerblok demonteren

Draadklem

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Drahtseilklemme lösen 3.jpg
Uiteinde van de kabel
  1. Maak de draadklem los.
  2. Trek de draadklem van het uiteinde van de kabel.
Alleen bij vervanging van het draadhuis met wig

Als het draadhuis of de wig beschadigd zijn, moeten deze worden vervangen.

Hierna wordt de demontage van het draadhuis aan een ankerbloktraverse bij een hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 3000 getoond. De demontage aan een ankerbloktraverse bij een hijswerkaandrijving GM 5000 tot GM 7000 wijkt hiervan in principe niet af.

Draadhuis demonteren

MeetstiftZelfborgende bout met karteling

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Seilzug E\Halterung ab.png
Houder
  1. Draai de zelfborgende bout met karteling M6x12 los.
  2. Schuif de houder van de meetstift.

MeetstiftZelfborgende bout met karteling

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Seilzug E\Messbolzen raus.png
Draadhuis
  1. Trek de meetstift uit de ankerbloktraverse en het draadhuis.
  2. Trek het draadhuis uit de ankerbloktraverse.

WigDraadhuis

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Seilkeil aus Seiltasche 3.jpg
Kabel
  1. Tik de wig uit het draadhuis en verwijder deze.

Als de wig vastzit:

  1. Demonteer het draadhuis.
  2. Draai het draadhuis om en tik de wig er vanaf boven uit.

De wig kan zo gemakkelijker uit het draadhuis worden verwijderd.

Draadhuis

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Seil raus 3.jpg
Uiteinde van de kabelKabel
  1. Schuif het uiteinde van de kabel uit het draadhuis.

Draadhuis

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Seil aus Seiltasche 3.jpg
Kabel
  1. Trek de kabel uit het draadhuis.

Kabel uit het haakblok trekken

De kabelbescherming in het haakblok raakt beschadigd wanneer de kabel snel langs de kabelbescherming uit het haakblok wordt getrokken. Wanneer de kabelbescherming opnieuw moet worden gebruikt, moet de kabelbescherming eerst gedemonteerd worden.

ABUS raadt aan samen met de kabel ook de kabelbescherming te vervangen.

Voor alle openingen van het haakblok:

SchroevendraaierHaakblokkap

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilschutz rausnehmen 3.jpg
Kabelbescherming
  1. Schuif de schroevendraaier zoals afgebeeld zijwaarts tussen kabelbescherming en haakblokkap.
  2. Maak de haakjes links en rechts in de kabelbescherming tegelijkertijd los met de schroevendraaier.
  3. Trek de kabelbescherming (2x) uit elkaar en neem deze uit het haakblok.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilwechsel Seil aus Unterflasche 3.jpg
  1. Leg het haakblok neer.
  2. Trek de kabel uit het haakblok.

Kabelgeleiding demonteren

Zelfdraadvormende schroef

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Mitnehmer abschrauben 3.jpg
KabelgeleidingsringMeenemer
  1. Laat de kabel gemotoriseerd van de kabeltrommel lopen.

Laat nog enkele kabelwikkelingen op de kabeltrommel.

  1. Schroef de meenemer eraf.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Mitnehmer ab 3.jpg
KabelgeleidingsringMeenemer
  1. Schuif de meenemer zijwaarts van de kabelgeleidingsring.
  • De kabelgeleidingsring kan nu vrij op de kabeltrommel worden gedraaid.
Alleen bij GM 800, GM 1000, GM 2000 en GM 3000

Bij een hijswerkaandrijving van de maat GM 800 tot GM 3000 bestaat de kabelgeleiding uit een spanring met kabelgeleidingsring en een verbindingsstuk.

ZeskantboutVerbindingsstuk

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Verbindungsteil ab 3.jpg
KabelKabelgeleidingsring
  1. Draai de kabelgeleidingsring zodanig dat de bouten (4x) gemakkelijk bereikbaar zijn (bijv. naar boven).
  2. Draai de bouten (4x) los.
  3. Verwijder het verbindingsstuk en rijg het van de kabel.

KabeltrommelKam

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Seilführung von Seilspannring 3.jpg
KabelgeleidingKabel
  1. Trek de kabelgeleidingsring uit elkaar en trek deze naar binnen van de kabeltrommel.

KamSpanring

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Zugfeder demontieren 3.jpg
Spanveer
  1. Maak de spanveer los van de spanring.
  2. Trek de spanring uit elkaar en trek deze naar binnen van de kabeltrommel.
  1. De kabelgeleiding is nu gedemonteerd. De kabel ligt los op de kabeltrommel.
Alleen bij GM 5000, GM 6000 en GM 7000

Bij een hijswerkaandrijving van de maat GM 5000 tot GM 7000 bestaat de kabelgeleiding uit een kabelgeleidingsring met spanelementen.

Spanelement

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Federstecker aus Spannelement 3.jpg
KabelgeleidingsringSplitpen
  1. Trek de splitpen uit de spanelementen van de kabelgeleidingsring.

KabelgeleidingsringSpanelement

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Spannelement lösen 3.jpg
Snelspansluiting
  1. Open de snelspansluiting van het spanelement van de kabelgeleidingsring en maak deze los.

KabeltrommelSpanelement

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilführung GM5000\Seilführung ab 3.jpg
KabelKabelgeleidingsring
  1. Trek de kabelgeleidingsring met spanelementen van de kabeltrommel.

Kabel van de kabeltrommel nemen

KabeltrommelEindklemmen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug S\Endklemme ab 3.jpg
Kabel
  1. Laat de kabel gemotoriseerd van de kabeltrommel lopen.
  2. Maak de eindklemmen los.
  3. Neem de kabel volledig van de kabeltrommel.

Kabeltrommel reinigen en smeren

  1. Reinig de kabeltrommel.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug Z\Seiltrommel fetten 5.jpg
  1. Smeer de kabeltrommel van het begin tot ongeveer de 8e tot 10e winding.
  2. Smeer de kabeltrommel achter de laatste winding.

Smeermiddel: „Molykote PG-75”. . Voor details, zie „Smeermiddelen”.

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug Z\Seiltrommel fetten Mitte 6.jpg
  1. Smeer de kabeltrommel achter 8e tot 10e winding tot de laatste winding.

Smeermiddel: „Chainlife S”. . Voor details, zie „Smeermiddelen”.

Kabel aan kabeltrommel bevestigen

KabeltrommelCilinderkopbout

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Endklemmen festschrauben 3.jpg
KabelEindklem
  1. Rol de kabel zonder twisten uit.
  2. Reinig de cilinderkopbouten van de eindklemmen grondig.

De cilinderkopbouten waren voorheen met een schroefdraadborging vastgeschroefd. De resten moeten volledig worden verwijderd voordat de cilinderkopbout opnieuw mag worden gebruikt.

Schroefdraadborging mag slechts één keer worden gebruikt.

  1. Schuif de kabel zo ver onder de eindklemmen dat het kabeluitsteeksel ongeveer 30 mm bedraagt.
  2. Schroef de eindklemmen vast met een cilinderkopbout en borg deze met schroefborging (middelhard).

Maat

Aantal eindklemmen

Aanhaalkoppel

GM 800

2

10 Nm

GM 1000

2

25 Nm

GM 3000

2

25 Nm

GM 5000

3

210 Nm

GM 6000

3

210 Nm

GM 7000

3

425 Nm

  1. Trek de kabel strak en wikkel deze gemotoriseerd 6 tot 8 windingen strak en zonder twisten op de kabeltrommel.

Kabelgeleiding voorbereiden

Bij de kabelgeleiding voor een GM 5000 tot GM 7000 moeten de spanelementen aan de kabelgeleidingsring worden bevestigd.

Bij een kabelgeleiding voor een GM 800 tot GM 3000 is geen montage vooraf nodig. In dit geval kan deze paragraaf worden overgeslagen.

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 5000 en GM 6000

Bij een kabelgeleiding voor een takel met hijswerkaandrijving GM 5000 of GM 6000 worden de spanelementen aan de kabelgeleidingsring in vergrendelingen gehaakt. De oogbouten voor het spannen van de kabelgeleidingsring bevinden zich boven aan de spanelementen.

OogboutKabelgeleidingsring

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilführung GM5000\Spannelemente dran 3.jpg
SpanelementVergrendelingen
  1. Haak de spanelementen (2x) met de oogbouten in de eerste vergrendeling van de kabelgeleidingsring.
  2. Vet de groef van de kabelgeleidingsring aan de binnenkant in.

Smeermiddel: „Molykote PG-75”. Voor details, zie „Smeermiddelen”.

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 7000

Bij een kabelgeleiding voor een takel met hijswerkaandrijving GM 7000 worden de spanelementen aan de kabelgeleidingsring met een pen en een borgveer bevestigd. De oogbouten voor het spannen van de kabelgeleidingsring bevinden zich onder aan de spanelementen.

SpanelementenPen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug Z\Bolzen rein 3.jpg
Kabelgeleidingsring
  1. Schuif de pen door de spanelementen en de kabelgeleidingsring.

BorgveerPen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug Z\SL-Sicherung auf Bolzen 3.jpg
KabelgeleidingsringSpanelement
  1. Schuif de borgveer op de pen.
  2. Vet de groef van de kabelgeleidingsring aan de binnenkant in.

Smeermiddel: „Molykote PG-75”. Voor details, zie „Smeermiddelen”.

Kabelgeleiding monteren

Alleen bij GM 800, GM 1000, GM 2000 en GM 3000

Bij een hijswerkaandrijving van de maat GM 800 tot GM 3000 bestaat de kabelgeleiding uit een spanring met kabelgeleidingsring en een verbindingsstuk.

Kam

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilspannring 3.jpg
KabeltrommelSpanring
  1. Draai de spanring zodanig dat de kam naar de hijswerkoverbrenging wijst.
  2. Trek de spanring uit elkaar en plaats deze over de kabel op de kabeltrommel.

KamSpanring

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Zugfeder montieren 3.jpg
Spanveer
  1. Haak de spanveer zodanig in één van de grendels dat de spanring stevig op de kabel ligt, maar nog vrij gedraaid kan worden.

KabeltrommelKam

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Seilführung auf Seilspannring 3.jpg
KabelgeleidingsringKabel
  1. Vet de groef van de kabelgeleidingsring aan de binnenkant in.

Smeermiddel: „Molykote PG-75”. Voor details, zie „Smeermiddelen”.

  1. Trek de kabelgeleidingsring uit elkaar en schuif deze over de kabeltrommel.
  2. Leg de kabelgeleidingsring met de groef in de kam van de spanring.
  3. Leg de kabelgeleidingsring met de schroefdraadsegmenten in het vrije gedeelte van de kabeltrommel.
  4. Zorg ervoor dat beide uiteinden van de kabelgeleidingsring in dezelfde groef van de kabeltrommel liggen.

De uiteinden van de kabelgeleidingsring mogen niet zijwaarts ten opzichte van elkaar verschoven zijn.

Zelfdraadvormende schroefVerbindingsstuk

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Verbindungsteil festschrauben 3.jpg
KabelgeleidingsringKabel
  1. Rijg het verbindingsstuk op de kabel.
  2. Schuif het verbindingsstuk naar boven en leg het op de kabelgeleidingsring.
  3. Schroef het verbindingsstuk vast met zelfdraadvormende schroeven M6x16 (4x). 5 Nm.

Bevestig daarbij eerst de bovenste schroeven die niet in het slobgat zitten.

Alleen bij GM 5000, GM 6000 en GM 7000

Bij een hijswerkaandrijving van de maat GM 5000 tot GM 7000 bestaat de kabelgeleiding uit een kabelgeleidingsring met spanelementen.

KabeltrommelSpanelement

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilführung GM5000\Seilführung drauf 3.jpg
KabelKabelgeleidingsring
  1. Trek de kabelgeleidingsring met spanelementen op de kabeltrommel.
  2. Plaats de kabel tussen de spanelementen.
  3. Zorg ervoor dat beide uiteinden van de kabelgeleidingsring in dezelfde groef van de kabeltrommel liggen.

De uiteinden van de kabelgeleidingsring mogen niet zijwaarts ten opzichte van elkaar verschoven zijn.

KabelgeleidingsringSpanelement

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Spannelement einhaken 3.jpg
Snelspansluiting
  1. Haak de snelspansluitingen van de spanelementen in de kabelgeleidingsring en sluit deze.

Indien nodig:

  1. Open de snelspansluitingen weer en stel de kabelgeleidingsring met de oogbouten zodanig in dat de kabelgeleidingsring stevig op de kabel ligt, maar nog vrij kan worden gedraaid.

Spanelement

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Federstecker in Spannelement 3.jpg
KabelgeleidingsringSplitpen
  1. Schuif de splitpennen in de snelspansluitingen van de spanelementen.

Meenemer monteren

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Mitnehmer drauf 3.jpg
KabelgeleidingsringMeenemer
  1. Steek de meenemer op het trommelhuis en schuif deze zijwaarts in de kabelgeleidingsring.

Zelfdraadvormende schroef

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Mitnehmer festschrauben 3.jpg
KabelgeleidingsringMeenemer
  1. Meenemer met zelfdraadvormende schroef M6x16 vastschroeven. 5 Nm.

Kabel inscheren

Inschering 2/1Inschering 4/1

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 3.jpg
Inschering 6/1
  1. Bij inschering 2/1: trek de kabel zonder twisten van de kabeltrommel door het haakblok.
  2. Bij inschering 4/1: trek de kabel zonder twisten van de kabeltrommel door het haakblok, door de keerrol en opnieuw door het haakblok.
  3. Bij inschering 6/1: trek de kabel zonder twisten van de kabeltrommel door het haakblok, door de keerrol en opnieuw door het haakblok, door de keerrol en nog eens door het haakblok.

Ankerblok monteren

Alleen bij vervanging van het draadhuis met wig

Hierna wordt de montage van het draadhuis aan een ankerbloktraverse bij een hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 3000 getoond. De montage aan een ankerbloktraverse bij een hijswerkaandrijving GM 5000 tot GM 7000 wijkt hiervan in principe niet af.

Draadhuis monteren

MeetstiftAnkerbloktraverse

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Seilzug E\Messbolzen rein.png
Draadhuis
  1. Schuif het draadhuis in de ankerbloktraverse.

Let op de markering op de ankerbloktraverse.

  1. Schuif de meetstift door de ankerbloktraverse en het draadhuis.

De pijl op de meetstift moet naar beneden wijzen!

MeetstiftZelfborgende bout met karteling

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Seilzug E\Halterung dran.png
Houder
  1. Schuif de houder op de meetstift.

De houder moet zonder spanning in de groef van de meetstift kunnen worden geschoven.

De meetstift mag geen voorspanning hebben!

  1. Schroef de houder vast met een zelfborgende bout met karteling M6x12. 19 Nm.

Draadhuis

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Seil rein 3.jpg
Uiteinde van de kabel
  1. Controleer de smering van het draadhuis en smeer dit indien nodig.

Smeermiddel „Hogetemperatuurpasta PBC 1574”. Voor details, zie „Smeermiddelen”.

  1. Schuif het uiteinde van de kabel vanaf onder in het draadhuis.

Draadhuis

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Schlaufe legen 3.jpg
LusUiteinde van de kabel
  1. Schuif het uiteinde van de kabel vanaf boven in het draadhuis, zodat zich een lus vormt.

Het uiteinde van de kabel steekt onderaan ca. 150 mm uit het draadhuis.

WigDraadhuis

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Seilkeil in Schlaufe 3.jpg
Lus
  1. Leg de wig in de lus.

WigDraadhuis

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Seilkeil in Seiltasche ziehen 3.jpg
Kabel
  1. Trek met een ruk aan de kabel.
  • De wig glijdt in het draadhuis en de kabel is vastgeklemd.

Draadklem

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Drahtseilklemme befestigen 3.jpg
Uiteinde van de kabel
  1. Schuif de draadklem over het uiteinde van de kabel.

De draadklem moet, afhankelijk van de maat en de draaddikte, met de maat uit de navolgende tabel onder het draadhuis worden gemonteerd:

Maat

Draaddikte

Afstand tot het draadhuis ca.

GM 800

6,5 mm

6 mm tot 13 mm

GM 1000

8 mm

8 mm tot 16 mm

GM 2000

9 mm

9 mm tot 18 mm

GM 3000

11 mm

11 mm tot 22 mm

GM 5000

14 mm

14 mm tot 28 mm

GM 6000

16,2 mm

16 mm tot 32 mm

GM 7000

20,2 mm

20 mm tot 40 mm

  1. Schroef de draadklem vast.

Maat

Zelfborgende moer met karteling

Aanhaalkoppel

GM 800

M6

5 Nm

GM 1000

M8

10 Nm

GM 2000

M8

10 Nm

GM 3000

M8

10 Nm

GM 5000

M14

49 Nm

GM 6000

M14

49 Nm

GM 7000

M16

107 Nm

Kabelbescherming aan het haakblok monteren

Voor alle openingen van het haakblok:

Verbindingsprofiel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilwechsel Seilschutz oben rein 3.jpg
Kabelbescherming
  1. Houd de kabelbescherming zoals afgebeeld tegen de kabel.
  2. Schuif de kabelbescherming met de vork aan de voorzijde langs de kabel naar beneden en schuif daarbij het achterste uiteinde onder het verbindingsprofiel.

KabelbeschermingHaakblokkap

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilwechsel Seilschutz einklicken 3.jpg
  1. Druk de kabelbescherming eerst aan de zijde met het korte lipje in de haakblokkap.
  2. Druk de kabelbescherming daarna aan de zijde met het lange lipje in de haakblokkap.

Kabelbescherming

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilwechsel Seilschutz unten rein 3.jpg
  1. Steek de tweede kabelbescherming onder in het verbindingsprofiel.
  2. Schuif de kabelbescherming naar beneden achter het verbindingsprofiel en plaats deze bovenaan tegen de kabel.
  3. Druk de kabelbescherming eerst aan de zijde met het korte lipje in de haakblokkap.
  4. Druk de kabelbescherming daarna aan de zijde met het lange lipje in de haakblokkap.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilwechsel Seilschutz zusammendrücken 3.jpg
  1. Schuif de kabelbescherming (2x) met de lipjes in elkaar schuiven en druk ze samen.
  • Er is een klikgeluid te horen.

Vervangen van kabel voltooien

  1. Rol de kabel gemotoriseerd helemaal op.
Alleen bij ABUControl

Als bij de takel de besturing ABUControl is geïnstalleerd, zie dan producthandboek „ABUControl”, hoofdstuk „Kabel vervangen” om het vervangen van de kabel af te ronden.

De volgende stappen zijn daarna verder in dit producthandboek beschreven.

Alleen bij ABUS elektra 3 met relaisbesturing of ABULiner

Eindschakelaar hijsen monteren

  1. Beweeg de lasthaak in de eerder genoteerde positie.

AsLagerflens

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilzug modular neu\Zapfen am GGS verstellen.png
  1. Open het behuizingsdeksel van de behuizing van de eindschakelaar hijsen op de kabeltrommel.
  2. Draai de as van de eindschakelaar aandrijving zodanig dat deze overeenkomt met het slobgat in de lagerflens van de kabeltrommel.

Kunststof schroeven B6,3x25

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilzug modular neu\GGS montieren.png
Microschakelaarplatine
  1. Steek de eindschakelaar aandrijving met de as in het slobgat van de lagerflens en steek deze op beide stiften.
  2. Eindschakelaar aandrijving met kunststof schroeven B6,3x25 vastschroeven. 3 Nm.

Eindschakelaar hijsen aansluiten

  1. Sluit de stekker van de aansluitkabel aan op de microschakelaarplatine.
  2. Sluit het deksel van het huis.

Als de schakelpunten verschoven zijn:

Normaal gesproken kan het instellen van de eindschakelaar hijsen na het vervangen van de kabel in veel gevallen vervallen, omdat de positie van de lasthaak daarvoor is gemeten en vervolgens weer is ingenomen. In bijzondere gevallen (bijv. als de kabel sterk beschadigd of verkeerd of de kabeltrommel gewikkeld was) kan het zijn dat de schakelpunten opnieuw moeten worden ingesteld.

  1. Stel de schakelpunten voor de slagbegrenzer onder, de slagbegrenzer boven en de backup-begrenzer opnieuw in.

Bij ABUS elektra 3 met relaisbesturing: zie producthandboek „ABUS eindschakelaar aandrijving”.

Bij ABUS elektra 3 met ABULiner: zie producthandboek „Frequentieomvormer-besturing van de hijssnelheid bij ABUS elektra 3”.

Wiguitsteekmaat controleren

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Keilmaß prüfen 3.jpg
  1. Hang een last volgens de navolgende tabel aan de lasthaak, hijs deze en belast de kabel op die manier.

Maat

Inschering 2/1

Inschering 4/1

Inschering 6/1

GM 800

800 kg

1600 kg

GM 1000

1250 kg

2500 kg

GM 2000

1600 kg

3200 kg

GM 3000

2000 kg

4000 kg

GM 5000

4000 kg

8000 kg

GM 6000

6300 kg

12500 kg

20000 kg

GM 7000

8000 kg

16000 kg

25000 kg

De gegevens in de tabel zijn richtwaarden die met een tolerantie van ±20 % moeten worden aangehouden.

Het maximale draagvermogen van de takel in acht nemen en niet overschrijden!

  1. Meet de wiguitsteekmaat en controleer of de maten worden aangehouden die in de tabel zijn aangegeven.

Maat

Maximale wiguitsteekmaat

Minimale wiguitsteekmaat

GM 800

19 mm

18 mm

GM 1000

4 mm

3 mm

GM 2000

2 mm

0 mm

GM 3000

18 mm

16 mm

GM 5000

22 mm

19 mm

GM 6000

31 mm

28 mm

GM 7000

29 mm

26 mm

Kabel met inschering 4/2, of 8/2 vervangen

Als de kabel beschadigd is of meerdere draadbreuken heeft dan toegestaan (zie „Kabel controleren”), moet deze worden vervangen.

Als de kabelgeleiding beschadigd is (zie „Kabelgeleiding controleren”), moet deze worden vervangen.

Kabel en kabelgeleiding zijn aan slijtage onderhevige onderdelen, die zwaar worden belast door de last. Tijdens het bedrijf slijten ze elkaar af. Daarom moeten kabel en kabelgeleiding altijd samen worden vervangen.

De kabel is een speciale hijskabel met een zeer hoge breuksterkte. Hij bereikt een duidelijk langere levensduur dan een normale draadkabel. Gebruik daarom uitsluitend originele onderdelen van ABUS.

Deze veiligheidsaanwijzingen gelden speciaal voor het vervangen van de kabel:

  • Zet de werkomgeving onder de takel ruim af.
  • Maak de vloer bezemschoon.

Dit vermindert verontreiniging van de nieuwe kabel.

  • Zet een schaarhoogwerker met voldoende oppervlak onder het haakblok.

Let op het draagvermogen van de hoogwerker!

  • Indien er geen afrolinrichting aanwezig is om de kabel uit te rollen, is er voldoende vrije ruimte vereist.
  • Plaats een bouwcontainer of iets dergelijks voor de oude kabel vlak bij de hoogwerker en het haakblok.
  • Vanaf een kabeldiameter boven 11 mm moet de kabel met twee personen worden vervangen.

Vervangen van kabel voorbereiden

  1. Beweeg de lasthaak tot onder het bovenste eindschakelaarbereik.
  2. Meet en noteer de positie van de lasthaak.

Daardoor kan het instellen van de eindschakelaar hijsen na het vervangen van de kabel in veel gevallen komen te vervallen.

Alleen bij ABUControl

Als bij de takel de besturing ABUControl is geïnstalleerd, zie dan producthandboek „ABUControl”, hoofdstuk „Kabel vervangen” om het vervangen van de kabel voor te bereiden.

Het vervangen van de kabel is daarna verder in dit producthandboek beschreven.

Alleen bij ABUS elektra 3 met relaisbesturing of ABULiner

Eindschakelaar hijsen demonteren

Opdat de kabel gemotoriseerd van de kabeltrommel kan worden afgewikkeld, moet de eindschakelaar hijsen worden gedemonteerd. Anders stopt de kabeltrommel op de onderste haakstand.

Grensschakelaar hijsenTap van de kabeltrommel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilzug modular neu\GGS abnehmen.png
  1. Open de behuizing van de eindschakelaar hijsen.
  2. Bouten (2x) eruit schroeven.
  3. Verwijder de eindschakelaar hijsen.
  4. Laat de as van de eindschakelaar hijsen in positie en verdraai deze niet.

Daardoor kan het instellen van de eindschakelaar hijsen na het vervangen van de kabel in veel gevallen komen te vervallen.

  1. Borg de eindschakelaar hijsen, zodat hij niet naar beneden valt of aan de aansluitkabels hangt.

Keerrol demonteren

Bij inschering 4/2 en 8/2 zijn beide ankerblokken van de kabel op de kabeltrommel. Om de kabel te vervangen moet eerst de keerrol aan de zijde van het loopkatframe worden gedemonteerd om vervolgens de kabel van de kabeltrommel te wikkelen.

Zelfborgende bout met karteling

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Schrauben an Halter lösen .jpg
Houder
  1. Draai de zelfborgende bouten met karteling van de houder los.

Houder

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Halter von Messbolzen 3.jpg
Traverse met keerrolMeetstift
  1. Trek de houder van de meetstift.

Traverse met keerrolMeetstift

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Messbolzen aus Umlenkrolle 3.jpg
KeerrolKabel
  1. Trek de meetstift uit de traverse met keerrol en de keerrol.
  2. Trek de keerrol uit de traverse met keerrol.

Kabelgeleiding demonteren

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Seil von Seiltrommel abtrommeln 3.jpg
  1. Laat de kabel gemotoriseerd van de kabeltrommel lopen.

Laat nog enkele kabelwikkelingen op de kabeltrommel.

Aan beide zijden van de kabeltrommel:

Zelfdraadvormende schroef

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Mitnehmer abschrauben 3.jpg
Meenemer
  1. Schroef de meenemer eraf.

Kabelgeleidingsring

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Mitnehmer ab 3.jpg
Meenemer
  1. Schuif de meenemer zijwaarts van de kabelgeleidingsring.
  • De kabelgeleidingsring kan nu vrij op de kabeltrommel worden gedraaid.
Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 5000

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 5000 bestaat de kabelgeleiding uit een plaat, geleidingselementen, randbescherming en spanveren.

RandbeschermingVergrendeling

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zugfeder aushaken 3.jpg
VergrendelingSpanveer
  1. Maak de spanveren los van de vergrendelingen.

Randbescherming A

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Seilführung auseinanderziehen 3.jpg
KabelRandbescherming B
  1. Trek randbescherming A en B uit elkaar.
  2. Trek de kabelgeleiding van de kabeltrommel.
Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 7000

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 7000 bestaat de kabelgeleiding uit een kabelgeleidingsring met spanelementen.

Spanelement

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Federstecker aus Spannelement 3.jpg
KabelgeleidingsringSplitpen
  1. Trek de splitpen uit de spanelementen van de kabelgeleidingsring.

KabelgeleidingsringSpanelement

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Spannelement lösen 3.jpg
Snelspansluiting
  1. Open de snelspansluiting van het spanelement van de kabelgeleidingsring en maak deze los.

KabeltrommelSpanelement

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilführung GM5000\Seilführung ab 3.jpg
KabelKabelgeleidingsring
  1. Trek de kabelgeleidingsring met spanelementen van de kabeltrommel.

Kabel van de kabeltrommel nemen

Aan beide zijden van de kabeltrommel:

CilinderkopboutKabeltrommel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Endklemmen lösen 3.jpg
EindklemKabel
  1. Laat de kabel gemotoriseerd van de kabeltrommel lopen.
  2. Maak de eindklemmen los.
  3. Neem de kabel volledig van de kabeltrommel.

Kabel uit het haakblok trekken

De kabelbescherming in het haakblok raakt beschadigd wanneer de kabel snel langs de kabelbescherming uit het haakblok wordt getrokken. Wanneer de kabelbescherming opnieuw moet worden gebruikt, moet de kabelbescherming eerst gedemonteerd worden.

ABUS raadt aan samen met de kabel ook de kabelbescherming te vervangen.

Voor alle openingen van het haakblok:

SchroevendraaierHaakblokkap

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilschutz rausnehmen 3.jpg
Kabelbescherming
  1. Schuif de schroevendraaier zoals afgebeeld zijwaarts tussen kabelbescherming en haakblokkap.
  2. Maak de haakjes links en rechts in de kabelbescherming tegelijkertijd los met de schroevendraaier.
  3. Trek de kabelbescherming (2x) uit elkaar en neem deze uit het haakblok.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilwechsel Seil aus Unterflasche 3.jpg
  1. Leg het haakblok neer.
  2. Trek de kabel uit het haakblok.

Kabeltrommel reinigen en smeren

  1. Reinig de kabeltrommel.
  1. Smeer de kabeltrommel van het begin tot ongeveer de 8e tot 10e winding aan beide zijden.
  2. Smeer de kabeltrommel in het midden achter en/of voor de laatste winding.

Smeermiddel: „Molykote PG-75”. Voor details, zie „Smeermiddelen”.

  1. Smeer de kabeltrommel van beide zijden achter 8e tot 10e winding tot de laatste winding in het midden.

Smeermiddel: „Chainlife S”. Voor details, zie „Smeermiddelen”.

Kabel inscheren

Opmerking

De kabel is speciaal opgewikkeld. Bij het afrollen moet erop worden gelet dat de kabel gelijkmatig wordt afgerold, zodat de markering van de kabel later in het midden van de groef van de keerrol ligt en de kabel gelijkmatig op de kabeltrommel wordt gewikkeld.

Uiteinde van de kabel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Seil abtrommeln 3.jpg
Uiteinde van de kabel
  1. Rol de kabel gelijkmatig en zonder twisten af.

Uiteinde van de kabel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Seil durch Unterflasche 3.jpg
HaakblokUiteinde van de kabel
  1. Trek beide uiteinden van de kabel zonder twisten door het haakblok.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\42 4-2-D.tif
Inschering 4/2
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\42 8-2-D.tif
Inschering 8/2
  1. Bij inschering 4/2: trek de kabel zonder twisten door het haakblok.
  2. Bij inschering 8/2: trek de kabel zonder twisten door de middelste kabelschijven van het haakblok, door de kabelschijven van het bovenblok en opnieuw door de buitenste kabelschijven van het haakblok.

Kabel aan kabeltrommel bevestigen

Aan beide zijden van de kabeltrommel:

CilinderkopboutKabeltrommel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Endklemmen links festschrauben 3.jpg
EindklemKabel
  1. Rol de kabel zonder twisten uit.
  2. Reinig de cilinderkopbouten van de eindklemmen grondig.

De cilinderkopbouten waren voorheen met een schroefdraadborging vastgeschroefd. De resten moeten volledig worden verwijderd voordat de cilinderkopbout opnieuw mag worden gebruikt.

Schroefdraadborging mag slechts één keer worden gebruikt.

  1. Schuif de kabel zo ver onder de eindklemmen dat het kabeluitsteeksel ongeveer 30 mm bedraagt.
  2. Schroef de eindklemmen vast met een cilinderkopbout en borg deze met schroefborging (middelhard).

Maat

Aantal eindklemmen

Aanhaalkoppel

GM 5000

3

210 Nm

GM 7000

3

425 Nm

  1. Trek de kabel strak en wikkel deze gemotoriseerd 6 tot 8 windingen strak en zonder twisten op de kabeltrommel.

Kabelgeleiding voorbereiden

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 5000

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 5000 bestaat de kabelgeleiding uit een plaat.

Er moet een kabelgeleiding voor de linkerzijde en een kabelgeleiding voor de rechterzijde worden gemonteerd. De boringen voor de meenemer moeten zich aan de juiste zijde bevinden.

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Aussparung Mitnehmer 3.jpg
  1. Let op de boringen voor de meenemer.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Führungselement rein 3.jpg
KabelgeleidingGeleidingselement
  1. Druk de geleidingselementen in de kabelgeleiding.

De haakjes aan de geleidingselementen moeten vastklikken en goed vastzitten!

Kabelgeleiding

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Mitnehmeradapter festschrauben 3.jpg
MeenemeradapterGeleidingselement
  1. Schroef de meenemeradapters aan de buitenzijde op beide kabelgeleidingen. 1,5 Nm.

De geleidingselementen moeten met de dikkere zijde naar binnen wijzen.

Aan beide zijden van de kabelgeleiding:

Ter identificatie is de randbescherming aangeduid met de letters A en B.

Randbescherming A

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Kantenschutz einhaken 3.jpg
Kabelgeleiding
  1. Schuif randbescherming A op de kabelgeleiding en klik deze vast.

De meenemeradapter moet aan deze zijde boven zijn.

Randbescherming BKabelgeleiding

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Kantenschutz B einhaken 3.jpg
  1. Schuif randbescherming B op de andere zijde van de kabelgeleiding en klik deze vast.
Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 7000

Bij een kabelgeleiding voor een takel met hijswerkaandrijving GM 7000 worden de spanelementen aan de kabelgeleidingsring met een pen en een borgveer bevestigd. De oogbouten voor het spannen van de kabelgeleidingsring bevinden zich onder aan de spanelementen.

SpanelementenPen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug Z\Bolzen rein 3.jpg
Kabelgeleidingsring
  1. Schuif de pen door de spanelementen en de kabelgeleidingsring.

BorgveerPen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug Z\SL-Sicherung auf Bolzen 3.jpg
KabelgeleidingsringSpanelement
  1. Schuif de borgveer op de pen.
  2. Vet de groef van de kabelgeleidingsring aan de binnenkant in.

Smeermiddel: „Molykote PG-75”. Voor details, zie „Smeermiddelen”.

Kabelgeleiding monteren

8 tot 10 wikkelingen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Seil aufwickeln 3.jpg
Kabeltrommel
  1. Trek de kabel strak en wikkel deze gemotoriseerd 8 tot 10 wikkelingen strak en zonder twisten op de kabeltrommel.
Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 5000

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 5000 bestaat de kabelgeleiding uit een plaat, geleidingselementen, randbescherming en spanveren.

Aan beide zijden van de kabeltrommel:

Let bij de montage van de kabelgeleidingen op dat er een kabelgeleiding voor de linkerzijde en een voor de rechterzijde is.

Kabelgeleiding

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Seilführung um Seiltrommel schieben 3.jpg
Kabeltrommel10 wikkelingen
  1. Schuif de kabelgeleiding om de kabeltrommel.

De geleidingselementen moeten naar binnen wijzen.

Randbescherming A

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Seilführung zusammenstecken 3.jpg
KabelRandbescherming B
  1. Plaats de kabel tussen de randbescherming A en B.
  2. Schuif randbescherming A en B in elkaar.

De twee uiteinden van de kabelgeleidingsring moeten in dezelfde groef van de kabeltrommel liggen. De uiteinden van de kabelgeleidingsring mogen niet zijwaarts ten opzichte van elkaar verschoven zijn.

De randbescherming moet in elkaar vastklikken.

RandbeschermingVergrendeling

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zugfeder einhaken 3.jpg
VergrendelingSpanveer
  1. Haak de spanveren zodanig in de bovenste en onderste vergrendelingen van randbescherming A en B dat de kabelgeleidingsring stevig op de kabel ligt, maar nog vrij kan worden gedraaid.
Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 7000

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 7000 bestaat de kabelgeleiding uit een kabelgeleidingsring met spanelementen.

Aan beide zijden van de kabeltrommel:

Let bij de montage van de kabelgeleidingen op dat er een kabelgeleiding voor de linkerzijde en een voor de rechterzijde is.

KabeltrommelSpanelement

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilführung GM5000\Seilführung drauf 3.jpg
KabelKabelgeleidingsring
  1. Trek de kabelgeleidingsring met spanelementen op de kabeltrommel.
  2. Plaats de kabel tussen de spanelementen.
  3. Zorg ervoor dat beide uiteinden van de kabelgeleidingsring in dezelfde groef van de kabeltrommel liggen.
  4. De uiteinden van de kabelgeleidingsring mogen niet zijwaarts ten opzichte van elkaar verschoven zijn.

KabelgeleidingsringSpanelement

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Spannelement einhaken 3.jpg
Snelspansluiting
  1. Haak de snelspansluitingen van de spanelementen in de kabelgeleidingsring en sluit deze.

Indien nodig:

  1. Open de snelspansluitingen weer en stel de kabelgeleidingsring met de oogbouten zodanig in dat de kabelgeleidingsring stevig op de kabel ligt, maar nog vrij kan worden gedraaid.

Spanelement

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Federstecker in Spannelement 3.jpg
KabelgeleidingsringSplitpen
  1. Schuif de splitpennen in de snelspansluitingen van de spanelementen.

Meenemer monteren

Aan beide zijden van de kabeltrommel:

Kabelgeleidingsring

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Mitnehmer drauf schieben 3.jpg
Meenemer
  1. Steek de meenemer op het trommelhuis en schuif deze zijwaarts in de kabelgeleidingsring.

Zelfdraadvormende schroef

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Mitnehmer festschrauben 3.jpg
Meenemer
  1. Meenemer met zelfdraadvormende schroef M6x16 vastschroeven. 5 Nm.

Keerrol monteren

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Seil weiter aufwickeln 3.jpg
  1. Rol de kabel gemotoriseerd op.

De kabel mag niet helemaal worden opgewikkeld!

Markering

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Seil Markierung 3.jpg
Keerrol
  1. Plaats de kabel met de markering midden in de groef van de keerrol.

Traverse met keerrolMeetstift

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Messbolzen in Umlenkrolle 3.jpg
KeerrolKabel
  1. Schuif de keerrol met kabel in de traverse.
  2. Schuif de meetstift door de traverse met keerrol en de keerrol.

De pijl op de meetstift moet naar beneden wijzen!

Houder

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Halter auf Messbolzen 3.jpg
Traverse met keerrolMeetstift
  1. Schuif de houder op de meetstift.

Zelfborgende bout met karteling M10x20

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Halter festschrauben 3.jpg
Houder
  1. Schroef de houder vast met zelfborgende bouten met karteling M10x20. 75 Nm.
  2. Borg de zelfborgende bouten met karteling met zegellak.

Kabelbescherming aan het haakblok monteren

Voor alle openingen van het haakblok:

Verbindingsprofiel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilwechsel Seilschutz oben rein 3.jpg
Kabelbescherming
  1. Houd de kabelbescherming zoals afgebeeld tegen de kabel.
  2. Schuif de kabelbescherming met de vork aan de voorzijde langs de kabel naar beneden en schuif daarbij het achterste uiteinde onder het verbindingsprofiel.

KabelbeschermingHaakblokkap

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilwechsel Seilschutz einklicken 3.jpg
  1. Druk de kabelbescherming eerst aan de zijde met het korte lipje in de haakblokkap.
  2. Druk de kabelbescherming daarna aan de zijde met het lange lipje in de haakblokkap.

Kabelbescherming

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilwechsel Seilschutz unten rein 3.jpg
  1. Steek de tweede kabelbescherming onder in het verbindingsprofiel.
  2. Schuif de kabelbescherming naar beneden achter het verbindingsprofiel en plaats deze bovenaan tegen de kabel.
  3. Druk de kabelbescherming eerst aan de zijde met het korte lipje in de haakblokkap.
  4. Druk de kabelbescherming daarna aan de zijde met het lange lipje in de haakblokkap.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilwechsel Seilschutz zusammendrücken 3.jpg
  1. Schuif de kabelbescherming (2x) met de lipjes in elkaar schuiven en druk ze samen.
  • Er is een klikgeluid te horen.

Vervangen van kabel voltooien

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Seil komplett aufwickeln 3.jpg
  1. Rol de kabel gemotoriseerd helemaal op.
Alleen bij ABUControl

Als bij de takel de besturing ABUControl is geïnstalleerd, zie dan producthandboek „ABUControl”, hoofdstuk „Kabel vervangen” om het vervangen van de kabel af te ronden.

De volgende stappen zijn daarna verder in dit producthandboek beschreven.

Alleen bij ABUS elektra 3 met relaisbesturing of ABULiner

Eindschakelaar hijsen monteren

  1. Beweeg de lasthaak in de eerder genoteerde positie.

AsLagerflens

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilzug modular neu\Zapfen am GGS verstellen.png
  1. Open het behuizingsdeksel van de behuizing van de eindschakelaar hijsen op de kabeltrommel.
  2. Draai de as van de eindschakelaar aandrijving zodanig dat deze overeenkomt met het slobgat in de lagerflens van de kabeltrommel.

Kunststof schroeven B6,3x25

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Seilzug modular neu\GGS montieren.png
Microschakelaarplatine
  1. Steek de eindschakelaar aandrijving met de as in het slobgat van de lagerflens en steek deze op beide stiften.
  2. Eindschakelaar aandrijving met kunststof schroeven B6,3x25 vastschroeven. 3 Nm.

Eindschakelaar hijsen aansluiten

  1. Sluit de stekker van de aansluitkabel aan op de microschakelaarplatine.
  2. Sluit het deksel van het huis.

Als de schakelpunten verschoven zijn:

Normaal gesproken kan het instellen van de eindschakelaar hijsen na het vervangen van de kabel in veel gevallen vervallen, omdat de positie van de lasthaak daarvoor is gemeten en vervolgens weer is ingenomen. In bijzondere gevallen (bijv. als de kabel sterk beschadigd of verkeerd of de kabeltrommel gewikkeld was) kan het zijn dat de schakelpunten opnieuw moeten worden ingesteld.

  1. Stel de schakelpunten voor de slagbegrenzer onder, de slagbegrenzer boven en de backup-begrenzer opnieuw in.

Bij ABUS elektra 3 met relaisbesturing: zie producthandboek „ABUS eindschakelaar aandrijving”.

Bij ABUS elektra 3 met ABULiner: zie producthandboek „Frequentieomvormer-besturing van de hijssnelheid bij ABUS elektra 3”.

Ankerbloktraverse met draadhuis en wig vervangen

Als de ankerbloktraverse, het draadhuis of de wig beschadigd zijn, moeten deze worden vervangen.

Ankerbloktraverse demonteren

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 3000

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 3000 hangt de ankerbloktraverse op lagerbussen en is deze bevestigd met pennen en borgveren.

Borgveer

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Einschienenlaufkatze\Festpunkttraverse SL_Sicherung ab.png
Pen
  1. Trek de borgveren (2x) van de pennen.

Pen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Einschienenlaufkatze\Festpunktttraverse Bolzen raus.png
Ankerbloktraverse
  1. Trek de pennen (2x) uit de ankerbloktraverse.

Ankerbloktraverse

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Einschienenlaufkatze\Festpunkttraverse raus.png
Lagerbussen
  1. Til de ankerbloktraverse van de lagerbussen.
Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 5000 tot GM 7000

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 5000 tot GM 7000 hangt de ankerbloktraverse op lagerbussen en is deze met een vanaf de zijkant ingeschoven pen met deksel aan de zijplaten aan het loopkatframe bevestigd.

AnkerbloktraversePen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug U\Unterflanschlaufkatze\Festpunkttraverse Bolzen abschrauben.png
DekselZelfborgende bouten met karteling
  1. Draai de zelfborgende bouten met karteling van het deksel los.
  2. Verwijder het deksel van de pen.

AnkerbloktraverseZijplaat

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug U\Unterflanschlaufkatze\Bolzen aus Festpunkttraverse.png
Pen
  1. Trek de pen uit de ankerbloktraverse en de zijplaten.
  2. Trek de ankerbloktraverse uit het loopkatframe.

Draadhuis demonteren

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 3000

Deze paragraaf geldt alleen bij een takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 3000.

HouderZelfborgende bout met karteling

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Festpunkttraverse LIS-SV\Halterung Messachse lösen.png
MeetstiftAnkerbloktraverse
  1. Draai de zelfborgende bout met karteling M6x12 los.
  2. Schuif de houder van de meetstift.

AnkerbloktraverseMeetstift

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Festpunkttraverse LIS-SV\Messachse raus.png
Draadhuis
  1. Trek de meetstift uit de ankerbloktraverse en het draadhuis.
  2. Trek het draadhuis uit de ankerbloktraverse.
Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 5000 tot GM 7000

Deze paragraaf geldt alleen bij een takel met hijswerkaandrijving GM 5000 tot GM 7000.

HouderAnkerbloktraverse

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug U\Festpunkttraverse\Halter ab.png
MeetstiftZelfborgende bout met karteling
  1. Draai de zelfborgende bout met karteling M6x20 van de houder los.
  2. Trek de houder van de meetstift.

AnkerbloktraverseMeetstift

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug U\Festpunkttraverse\Messbolzen raus.png
Draadhuis met wig en kabel
  1. Trek de meetstift uit de ankerbloktraverse en het draadhuis.
  2. Trek het draadhuis met wig en kabel uit de ankerbloktraverse.

Wig demonteren

Draadhuis

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Festpunkttraverse LIS-SE\Seilklemme ab.png
Uiteinde van de kabelDraadklem
  1. Draai de zelfborgende moeren met karteling van de draadklem los.
  2. Trek de draadklem van het uiteinde van de kabel.

Wig

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Festpunkttraverse LIS-SE\Seilkeil raus.png
KabelDraadhuis
  1. Trek de wig met kabel uit het draadhuis.

Wig monteren

Wig

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Festpunkttraverse LIS-SE\Seilkeil rein.png
Uiteinde van de kabelDraadhuis
  1. Leg het uiteinde van de kabel om de wig.

De kabel moet vlak in de groef van de wig liggen!

  1. Schuif de wig met kabel in het draadhuis en trek met een ruk aan het uiteinde van de kabel.
  • De wig glijdt in het draadhuis en klemt de kabel vast.

Draadhuis

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Festpunkttraverse LIS-SE\Seilkelmme dran.png
KabelDraadklem
  1. Schuif de draadklem op het uiteinde van de kabel.

De draadklem moet, afhankelijk van de maat en de draaddikte, met de maat uit de navolgende tabel onder het draadhuis worden gemonteerd:

Maat

Draaddikte

Afstand tot het draadhuis ca.

GM 800

6,5 mm

6 mm tot 13 mm

GM 1000

8 mm

8 mm tot 16 mm

GM 2000

9 mm

9 mm tot 18 mm

GM 3000

11 mm

11 mm tot 22 mm

GM 5000

14 mm

14 mm tot 28 mm

GM 6000

16,2 mm

16 mm tot 32 mm

GM 7000

20,2 mm

20 mm tot 40 mm

  1. Schroef de zelfborgende moeren met karteling van de draadklem vast.

Maat

Zelfborgende moer met karteling

Aanhaalkoppel

GM 800

M6

5 Nm

GM 1000

M8

10 Nm

GM 2000

M8

10 Nm

GM 3000

M8

10 Nm

GM 5000

M14

49 Nm

GM 6000

M14

49 Nm

GM 7000

M16

107 Nm

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Festpunkttraverse LIS-SE\Seiltasche fetten 3.jpg
Draadhuis
  1. Smeer het draadhuis.

Smeermiddel „Hogetemperatuurpasta PBC 1574”. Voor details, zie „Smeermiddelen”.

Smeer niet de meetstiften/bevestigingsbouten of de ankerbloktraverse. Het smeermiddel mag niet op de ankerbloktraverse terechtkomen.

Draadhuis monteren

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 3000

Deze paragraaf geldt alleen bij een takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 3000.

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Festpunkttraverse LIS-SE\Seiltasche in Traverse.png
Ankerbloktraverse
Draadhuis met wig en kabel
  1. Schuif het draadhuis met wig en kabel in de ankerbloktraverse.

Let op de markering op de ankerbloktraverse.

AnkerbloktraverseMeetstift

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Festpunkttraverse LIS-SV\Messachse rein.png
Draadhuis
  1. Schuif de meetstift door de ankerbloktraverse en het draadhuis.
  2. De pijl op de meetstift moet naar beneden wijzen!

HouderZelfborgende bout met karteling

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Festpunkttraverse LIS-SV\Halterung Messachse festschrauben.png
MeetstiftAnkerbloktraverse
  1. Controleer de houder op vervormingen.

Als de houder vervormd is, moet deze worden vervangen.

  1. Schuif de houder op de meetstift.

De houder moet zonder spanning in de groef van de meetstift kunnen worden geschoven.

De meetstift mag geen voorspanning hebben!

  1. Schroef de houder vast met een zelfborgende bout met karteling M6x12. 19 Nm.
Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 5000 tot GM 7000

Deze paragraaf geldt alleen bij een takel met hijswerkaandrijving GM 5000 tot GM 7000.

AnkerbloktraverseMeetstift

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug U\Festpunkttraverse\Messbolzen rein.png
Draadhuis
  1. Schuif het draadhuis met wig en kabel in de ankerbloktraverse.

Let op de markering op de ankerbloktraverse.

  1. Schuif de meetstift door de ankerbloktraverse en het draadhuis.

De pijl op de meetstift moet naar beneden wijzen!

HouderAnkerbloktraverse

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug U\Festpunkttraverse\Halter dran.png
MeetstiftZelfborgende bout met karteling
  1. Controleer de houder op vervormingen.

Als de houder vervormd is, moet deze worden vervangen.

  1. Schuif de houder op de meetstift.

De houder moet zonder spanning in de groef van de meetstift kunnen worden geschoven.

De meetstift mag geen voorspanning hebben!

  1. Schroef de houder vast met een zelfborgende bout met karteling M6x20. 19 Nm.

Ankerbloktraverse monteren

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 3000

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 3000 hangt de ankerbloktraverse op lagerbussen en is deze bevestigd met pennen en borgveren.

Ankerbloktraverse

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Einschienenlaufkatze\Festpunkttraverse rein.png
Lagerbussen
  1. Hang de ankerbloktraverse op de lagerbussen.

Let daarbij op dat de markering op de ankerbloktraverse naar de hijswerkaandrijving wijst.

Pen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Einschienenlaufkatze\Festpunkttraverse Bolzen rein.png
Ankerbloktraverse
  1. Schuif de pennen (2x) in de ankerbloktraverse.

Borgveer

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Einschienenlaufkatze\Festpunkttraverse SL-Sicherung drauf.png
Pen
  1. Schuif de borgveren (2x) op de pennen.
  2. Hang een last volgens de navolgende tabel aan de lasthaak, hijs deze en belast de kabel op die manier.

Maat

2/1

4/1

GM 800

800 kg

1600 kg

GM 1000

1250 kg

2500 kg

GM 2000

1600 kg

3200 kg

GM 3000

2000 kg

4000 kg

De gegevens in de tabel zijn richtwaarden die met een tolerantie van ±20 % moeten worden aangehouden.

Opmerking

Het maximale draagvermogen van de takel in acht nemen en niet overschrijden!

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 5000 tot GM 7000

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 5000 tot GM 7000 hangt de ankerbloktraverse op lagerbussen en is deze met een vanaf de zijkant ingeschoven pen met deksel aan de zijplaten aan het loopkatframe bevestigd.

AnkerbloktraverseZijplaat

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug U\Unterflanschlaufkatze\Bolzen in Festpunkttraverse.png
Pen
  1. Schuif de ankerbloktraverse tussen de zijplaten aan het loopkatframe.
  2. Schuif de pen door de zijplaten en de ankerbloktraverse.

AnkerbloktraversePen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug U\Unterflanschlaufkatze\Festpunkttraverse Bolzen festschrauben.png
DekselZelfborgende bout met karteling
  1. Schroef het deksel vast op de pen met zelfborgende bouten met karteling (2x).

Maat

Zelfborgende bout met karteling

Aanhaal-koppel

GM 5000

M6x12

19 Nm

GM 6000

M6x12

19 Nm

GM 7000

M8x16

42 Nm

  1. Hang een last volgens de navolgende tabel aan de lasthaak, hijs deze en belast de kabel op die manier.

Maat

Inschering 2/1

Inschering 4/1

Inschering 6/1

GM 5000

4000 kg

8000 kg

-

GM 6000

6300 kg

12500 kg

20000 kg

GM 7000

8000 kg

16000 kg

25000 kg

De gegevens in de tabel zijn richtwaarden die met een tolerantie van ±20 % moeten worden aangehouden.

Opmerking

Het maximale draagvermogen van de takel in acht nemen en niet overschrijden!

Wiguitsteekmaat controleren

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Keilmaß prüfen 3.jpg
  1. Meet de wiguitsteekmaat en controleer of de maten worden aangehouden die in de tabel zijn aangegeven.

Maat

Maximale wiguitsteekmaat

Minimale wiguitsteekmaat

GM 800

19 mm

18 mm

GM 1000

4 mm

3 mm

GM 2000

2 mm

0 mm

GM 3000

18 mm

16 mm

GM 5000

22 mm

19 mm

GM 6000

31 mm

28 mm

GM 7000

29 mm

26 mm

Traverse met keerrol bij inschering 4/1 of 6/1 vervangen

Als de traverse met keerrol beschadigd is, moet deze worden vervangen.

Traverse met keerrol demonteren

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 6000 met inschering 4/1

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 6000 hangt de traverse met keerrol op lagerbussen en is deze bevestigd met pennen en borgveren.

Borgveer

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Einschienenlaufkatze\Umlenkrollentraverse SL-Sicherung ab.png
Pen
  1. Trek de borgveren van de pennen.

Pen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Einschienenlaufkatze\Bolzen aus Umlenkrollentraverse.png
Traverse met keerrol
  1. Trek de pennen (2x) uit de traverse met keerrol.

Traverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Einschienenlaufkatze\Umlenkrollentraverse raus.png
Lagerbus
  1. Til de traverse met keerrol van de lagerbussen.
Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 7000 en inschering 4/1

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 7000 en een inschering 4/1 is de traverse met keerrol aan de buitenkant van het loopkatframe gemonteerd.

Aan beide zijden:

Borgveer

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse GM7000\SL-Sicherung ab.png
Pen
  1. Trek de borgveer van de pen.

BorgplaatPen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse GM7000\Bolzen rausziehen.png
  1. Trek de pen uit de borgplaat en de zijwand.

Zijwand

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse GM7000\Abhubsicherung raus.png
Borgplaat
  1. Trek de borgplaat eruit.

Zijwand

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse GM7000\Umlenkrollentraverse raus.png
Traverse met keerrol
  1. Til de traverse met keerrol uit de zijwanden.
Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 7000 en inschering 6/1

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 7000 zijn de traversen met keerrol in het loopkatframe gemonteerd.

Plaat

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM7000\Blech ab 3.jpg
Zelfborgende bouten met karteling M10x16
  1. Draai de zelfborgende bouten met karteling M10x16 (4x) van de plaat los.
  2. Til de plaat van het loopkatframe.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM7000\Zweite Umlenkrollentraverse raus 3.jpg
Traverse met keerrolOphanging
  1. Til de traverse met keerrol uit het loopkatframe.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM7000\Erste Umlenkrollentraverse raus 3.jpg
Traverse met keerrolOphanging
  1. Til de tweede traverse met keerrol uit het loopkatframe.

Keerrol demonteren

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 6000 met inschering 4/1

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 6000 en een inschering 4/1 is de keerrol met een as met deksel aan de traverse met keerrol bevestigd.

DekselZelfborgende bout met karteling

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse\Bolzendeckel ab.png
  1. Draai de zelfborgende bouten met karteling (2x) van het deksel los.
  2. Verwijder het deksel van de traverse met keerrol.

PenTraverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse\Bolzen raus.png
Keerrol
  1. Trek de as uit de traverse met keerrol en de keerrol.
  2. Trek de keerrol uit de traverse.
Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 7000

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 7000 is de keerrol met een as met deksel aan de traverse met keerrol bevestigd.

Zelfborgende bout met karteling

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse GM7000\Schrauben lösen.png
Deksel
  1. Draai de zelfborgende bouten met karteling (2x) van het deksel los.
  2. Verwijder het deksel van de traverse met keerrol.

Traverse met keerrolPen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse GM7000\Bolzen raus.png
Keerrol
  1. Trek de as uit de traverse met keerrol en de keerrol.
  2. Trek de keerrol uit de traverse.
Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 6000 en inschering 6/1

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 6000 en een inschering 6/1 zijn de traversen met keerrol aan het loopkatframe gelast. Daardoor kunnen alleen de keerrollen zelf worden vervangen.

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM6000\SL-Sicherung ab 3.jpg
Borgveer
  1. Trek de borgveren (2x) van de pennen (2x).

TraverseKap

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM6000\Bolzen raus 3.jpg
Pen
  1. Trek de pennen uit de traverse en de kap.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM6000\Haube von Umlenkrolle 3.jpg
KeerrolKap
  1. Til de kap van de keerrol.

DekselZelfborgende bout met karteling M8x16

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM6000\Rippschrauben lösen 3.jpg
  1. Draai de zelfborgende bouten met karteling M18x16 (4x) van het deksel los.

De buitenste zelfborgende bouten met karteling kunnen volledig worden verwijderd. De binnenste zelfborgende bouten met karteling moeten los aan het deksel geschroefd blijven, omdat het deksel aan de as is vastgeschroefd.

Keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM6000\Umlenkrolle raus 3.jpg
DekselTraverse
  1. Til de keerrol uit de traverse.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM6000\Deckel abschrauben 3.jpg
DekselZelfborgende bout met karteling M8x16
  1. Leg de keerrol met de as naar beneden op een vlakke ondergrond.
  2. Draai de zelfborgende bouten met karteling M8x16 (2x) van het deksel helemaal los.

Deksel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM6000\Deckel von Bolzen 3.jpg
PenKeerrol
  1. Til het deksel van de as.

Pen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM6000\Umlenkrolle von Bolzen 3.jpg
Keerrol
  1. Til de keerrol van de as.
  2. Ga bij de tweede keerrol op dezelfde wijze te werk.

Keerrol monteren

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 6000 met inschering 4/1

Traverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse\Seilrolle rein.png
Keerrol
  1. Schuif de keerrol in de traverse.

PenTraverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse\Bolzen rein.png
Keerrol
  1. Steek de as door de traverse met keerrol en de keerrol.

DekselZelfborgende bout met karteling

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse\Bolzendeckel drauf.png
  1. Schroef het deksel vanaf de andere zijde op de as vast met zelfborgende bouten met karteling (2x).

Maat

Zelfborgende bout met karteling

Aanhaal-koppel

GM 800

M6x12

19 Nm

GM 1000

M6x12

19 Nm

GM 2000

M8x16

42 Nm

GM 3000

M10x20

75 Nm

GM 5000

M10x20

75 Nm

GM 6000

M10x20

75 Nm

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 7000

Traverse met keerrolPen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse GM7000\Bolzen rein und schmieren 3.jpg
Keerrol
  1. Schuif de keerrol in de traverse.
  2. Smeer de as en steek deze door de traverse met keerrol en de keerrol.

Smeermiddel „Hogetemperatuurpasta PBC 1574”. Voor details, zie „Smeermiddelen”.

Zelfborgende bout met karteling

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse GM7000\Schrauben festschrauben.png
Deksel
  1. Deksel met de zelfborgende bouten met karteling M10x20 aan de bout vastschroeven. 75 Nm.
Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 6000 en inschering 6/1

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 6000 en een inschering 6/1 zijn de traversen met keerrol aan het loopkatframe gelast. Daardoor kunnen alleen de keerrollen zelf worden vervangen.

Keerrol voorbereiden

Voor beide keerrollen:

Pen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM6000\Umlenkrolle auf Bolzen 3.jpg
Keerrol
  1. Leg de keerrol op een vlakke ondergrond.
  2. Smeer de as.

Smeermiddel „Hogetemperatuurpasta PBC 1574”, voor details, zie „Smeermiddelen”.

  1. Schuif de keerrol op de as.

Deksel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM6000\Deckel auf Bolzen 3.jpg
PenKeerrol
  1. Schuif het deksel op de as.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM6000\Deckel lose festschrauben 3.jpg
DekselZelfborgende bout met karteling M8x16
  1. Schroef het deksel losjes vast met zelfborgende bouten met karteling M8x16 (2x).

Keerrol monteren

Keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM6000\Umlenkrolle in Katzrahmen 3.jpg
TraverseDeksel
  1. Til de keerrol in de traverse.

Het deksel moet zich voor de ophanging van de traverse bevinden.

Zelfborgende bout met karteling M8x16Keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM6000\Umlenkrolle festschrauben 3.jpg
TraverseDeksel
  1. Schroef het deksel van de keerrol aan de traverse met zelfborgende bouten met karteling M8x16 (2x). 42 Nm.
  2. Schroef de zelfborgende bouten met karteling M8x16 (2x) van het deksel vast. 42 Nm.

Kap

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM6000\Haube aufstecken 3.jpg
Keerrol
  1. Plaats de kap op de keerrol.

TraverseKap

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM6000\Bolzen in Haube 3.jpg
Pen
  1. Schuif de pennen (2x) door de traverse en de kap.

Pen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM6000\Bolzen sichern 3.jpg
Borgveer
  1. Schuif de borgveren (2x) op de pen.
  2. Ga bij de tweede keerrol op dezelfde wijze te werk.

Traverse met keerrol monteren

Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 6000 met inschering 4/1

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 800 tot GM 6000 hangt de traverse met keerrol op lagerbussen en is deze bevestigd met pennen en borgveren.

Traverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Einschienenlaufkatze\Umlenkrollentraverse rein.png
Lagerbus
  1. Hang de traverse met keerrol op de lagerbussen.

Let daarbij op dat de markering op de keerrol naar de hijswerkaandrijving wijst.

Pen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Einschienenlaufkatze\Bolzen in Umlenkrollentraverse.png
Traverse met keerrol
  1. Schuif de pennen (2x) in de traverse met keerrol.

Borgveer

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Einschienenlaufkatze\Umlenkrollentraverse SL-Sicherung drauf.png
Pen
  1. Schuif de borgveren (2x) op de pennen.
Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 7000 met inschering 4/1

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 7000 en een inschering 4/1 is de traverse met keerrol aan de buitenkant van het loopkatframe gemonteerd.

PenTraverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse GM7000\Umlenkrollentraverse schmieren 3.jpg
Contactvlak van de zijwand
  1. Smeer het contactvlak van de zijwand.

Smeermiddel „OKS 511-Gleitlack”. Voor details, zie „Smeermiddelen”.

  1. Laat glijlak 30 minuten drogen!
  2. Smeer het contactvlak van de zijwand opnieuw.

Smeermiddel „Hogetemperatuurpasta PBC 1574”. Voor details, zie „Smeermiddelen”.

Zijwand

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse GM7000\Umlenkrollentraverse rein.png
Traverse met keerrol
  1. Til de traverse met keerrol in de zijwanden.

De traverse met keerrol moet met de hand heen en weer kunnen worden bewogen.

Aan beide zijden:

Zijwand

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse GM7000\Abhubsicherung einschieben.png
Borgplaat
  1. Schuif de borgplaat in de zijwand.

BorgplaatPen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse GM7000\Bolzen reinschieben.png
  1. Schuif pennen door de borgplaat en de zijwand.

Borgveer

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse GM7000\SL-Sicherung dran.png
Pen
  1. Schuif borgveren op de pennen.
Alleen bij takel met hijswerkaandrijving GM 7000 en inschering 6/1

Bij een takel met hijswerkaandrijving GM 7000 zijn de traversen met keerrol in het loopkatframe gemonteerd.

Eerste traverse met keerrol monteren:

Bevestigingsmiddel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM7000\Unterlegscheibe auf Lagerbolzen 3.jpg
LagerbusSluitring
  1. Schuif een sluitring (2x) op beide lagerbussen.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM7000\Erste Umlenkrollentraverse rein 3.jpg
Traverse met keerrolOphanging
  1. Til de traverse met keerrol in het loopkatframe.

Tweede traverse met keerrol monteren:

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM7000\Unterlegscheibe drauf 3.jpg
LagerbusSluitring
  1. Schuif een sluitring (2x) op beide lagerbussen van de traverse met keerrol.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM7000\Zweite Umlenkrollentraverse rein 3.jpg
Tweede traverse met keerrolOphanging
  1. Til de tweede traverse met keerrol in het loopkatframe.

Plaat

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 6-1\GM7000\Blech festschrauben 3.jpg
Zelfborgende bouten met karteling M10x16
  1. Plaats de plaat over de traversen met keerrol op het loopkatframe en schroef deze vast met zelfborgende bouten met karteling M10x16 (4x). 75 Nm.

Traverse met keerrol bij inschering 4/2 of 8/2 vervangen

Als de traverse met keerrol beschadigd is, moet deze worden vervangen.

Bij de inschering 4/2 is een traverse met keerrol aan het loopkatframe gemonteerd. Deze hangt op lagerbussen en is bevestigd met pennen en borgveren.

Bij de inschering 8/2 zijn twee extra traversen met keerrol in het loopkatframe gemonteerd.

Traverse met keerrol demonteren

Borgveer

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\SL-Sicherung von Bolzen.png
PenTraverse met keerrol
  1. Trek de borgveren van de pennen.

Pen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Bolzen aus Umlenkrollentraverse.png
Traverse met keerrol
  1. Trek de pennen (2x) uit de traverse met keerrol.

Traverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Umlenkrollentraverse raus.png
Lagerbus
  1. Til de traverse met keerrol van de lagerbussen.
Alleen bij takel met inschering 8/2

Bij een takel met een inschering 8/2 zijn twee extra traversen met keerrol in het loopkatframe gemonteerd.

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 8-2\Deckel lösen 3.jpg
PlaatZelfborgende bouten met karteling
M10x16
  1. Draai de zelfborgende bouten met karteling M10x16 (4x) van de plaat los.
  2. Til de plaat van het loopkatframe.

Traverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 8-2\Zweite Umlenkrollentraverse raus 3.jpg
  1. Til de traverse met keerrol uit het loopkatframe.

Tweede traverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 8-2\Umlenkrollentraverse raus 3.jpg
  1. Til de tweede traverse met keerrol uit het loopkatframe.

Keerrol demonteren

Traverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Umlenkrolle\Halterung ab.png
Zelfborgende bout met kartelingHouder
  1. Draai de zelfborgende bouten met karteling (2x) los.
  2. Trek de houder van de meetstift.

BusTraverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Umlenkrolle\Messbolzen raus.png
KeerrolMeetstift
  1. Trek de meetstift uit de bus in de traverse met keerrol en de keerrol.
  2. Trek de keerrol uit de traverse met keerrol.
Alleen bij takel met inschering 8/2

Bij een takel een inschering 8/2 zijn de keerrollen met een as met deksel aan de traverse met keerrol bevestigd.

Zelfborgende bouten met karteling M10x20Traverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 8-2\Rippschrauben lösen 3.jpg
Deksel
  1. Draai de zelfborgende bouten met karteling (2x) van het deksel los.
  2. Verwijder het deksel van de traverse met keerrol.

Traverse met keerrolPen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 8-2\Umlenkrolle raus 3.jpg
Keerrol
  1. Trek de as uit de traverse met keerrol en de keerrol.
  2. Trek de keerrol uit de traverse.

Keerrol monteren

Traverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Umlenkrolle\Seilrolle rein.png
Keerrol
  1. Schuif de keerrol in de traverse.

BusTraverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Umlenkrolle\Messbolzen rein.png
KeerrolMeetstift
  1. Schuif de meetstift door de bus en de keerrol in de traverse met keerrol.

Traverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Umlenkrolle\Halterung dran.png
Zelfborgende bout met kartelingHouder
  1. Schuif de houder op de meetstift.
  2. Schroef de houder vast met zelfborgende bouten met karteling M6x12 (2x). 19 Nm.
Alleen bij takel met inschering 8/2

Traverse met keerrolPen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 8-2\Umlenkrolle rein 3.jpg
Keerrol
  1. Schuif de keerrol in de traverse.
  2. Steek de as door de traverse met keerrol en de keerrol.

Zelfborgende bout met karteling M10x20Traverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 8-2\Rippschrauben festschrauben 3.jpg
Deksel
  1. Schroef het deksel vanaf de andere zijde op de as vast met zelfborgende bouten met karteling M10x20 (2x). 75 Nm.

Traverse met keerrol monteren

Traverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Umlenkrollentraverse rein.png
Lagerbus
  1. Hang de traverse met keerrol op de lagerbussen.

Let daarbij op dat de markering op de keerrol naar de hijswerkaandrijving wijst.

Pen

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Bolzen in Umlenkrollentraverse.png
  1. Schuif de pennen (2x) in de traverse met keerrol.

Borgveer

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\SL-Sicherung auf Bolzen.png
PenTraverse met keerrol
  1. Schuif de borgveren (2x) op de pennen.
Alleen bij takel met inschering 8/2

Bij een takel met een inschering 8/2 zijn twee traversen met keerrol in het loopkatframe gemonteerd.

Traverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 8-2\Umlenkrollentraverse rein 3.jpg
Ophanging
  1. Til de traverse met keerrol in het loopkatframe.

Tweede traverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 8-2\Zweite Umlenkrollentraverse einhängen 3.jpg
  1. Til de tweede traverse met keerrol in het loopkatframe.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Einscherung 8-2\Deckel festschrauben 3.jpg
PlaatZelfborgende bouten met karteling M10x16
  1. Plaats de plaat over de traversen met keerrol op het loopkatframe en schroef deze vast met zelfborgende bouten met karteling M10x16 (4x). 75 Nm.

Aangedreven loopwiel demonteren

Als het loopwiel beschadigd of versleten is, moet het worden vervangen door een nieuw loopwiel.

Takel voorbereiden

  1. Neem de bepalingen inzake veilig werken in acht.
  2. Ontlast de loopwerkdrager van de takel in de buurt van het loopwiel vanaf onder.

Loopwerkaandrijving demonteren

KoppelingStekkerhuis

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Einträger-Laufkran\Stecker abziehen neue Box 3.jpg
Aansluitkabel
  1. Open het stekkerhuis op de loopwerkaandrijving.
  2. Trek de aansluitkabel van de koppeling.
  1. Bepaal het gewicht van de loopwerkaandrijving. Zie producthandboek van de ABUS-loopwerkaandrijving.
  2. Borg de loopwerkaandrijving zodanig dat het gewicht zonder gevaar wordt gedragen en de uitgaande as niet wordt belast (bijv. in eindeloze hijsband hangen).
Alleen bij loopwerkaandrijving AZP

Deze paragraaf geldt alleen als er een loopwerkaandrijving AZP moet worden gedemonteerd.

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Fahrantrieb lösen.png
Zelfborgende bouten met kartelingLoopwerkaandrijving
  1. Draai de zelfborgende bouten met karteling (4x) los.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Fahrantrieb demontieren.png
LagerflensLoopwerkaandrijving
  1. Trek de loopwerkaandrijving eruit.
Alleen bij loopwerkaandrijving AZF

Deze paragraaf geldt alleen als er een loopwerkaandrijving AZF moet worden gedemonteerd.

Loopwerkaandrijving

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrantrieb AZF abschrauben 3.jpg
Cilinderkopbouten
  1. Cilinderkopbouten (4x) losdraaien.

LagerflensLoopwerkaandrijving

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrantrieb AZF raus 3.jpg
  1. Trek de loopwerkaandrijving eruit.

Loopwiel blootleggen

Stootbufferplaat

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Fahrwerksträger\Laufrad freilegen.png
Zelfborgende moerKunststof ring
  1. Schroef de zelfborgende moeren (4x) eraf.
  2. Vanaf maat 160: kunststof schijven (4x) verwijderen.
  3. Verwijder de stootbufferplaat.
Alleen bij loopwerkdrager maat 280, 350 en 420

Bij loopwerken van de maat 280, 350 en 420 is in de loopwerkdrager een klemstuk aan het aangedreven loopwiel gemonteerd. Om het loopwiel te kunnen demonteren, moet het klemstuk worden gedemonteerd.

Loopwiel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug Z\Klemmstück raus 3.jpg
KlemstukHouder
  1. Draai de bouten (2x) los.
  2. Verwijder de houder met klemstuk.

Loopwiel demonteren

Borgschroef

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Flansch ab.png
Zelfborgende bout met kartelingLagerflens
  1. Schroef alle zelfborgende bouten met karteling uit de lagerflens. Schroef de borgschroef (één of meerdere) er niet uit.

Borgschroef

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Lagerbolzen ab.png
LagerpenZelfborgende bout met karteling
  1. Schroef alle zelfborgende bouten met karteling uit de lageras. Schroef de borgschroef (één of meerdere) er niet uit.

Loopwiel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Angetriebenes Laufrad raus.png
LagerpenLagerflens
  1. Verwijder lageras, lagerflens en loopwiel.

Opmerking

Alleen bij maat 420 met loopwerkaandrijving 420V: op de lagerflens is een extra adapter aangebracht. Deze kan bij de demontage van het loopwiel op de lagerflens blijven als hij niet eenvoudig verwijderd kan worden.

Tip:

Draai, om de lagerflens gemakkelijk uit de loopwerkdrager te kunnen trekken, twee of vier bouten in de hoeken van de lagerflens, om de lagerflens daarmee van de loopwerkdrager af te drukken.

Aangedreven loopwiel monteren

Als het loopwiel beschadigd of versleten is, moet het worden vervangen door een nieuw loopwiel.

Loopwiel monteren

Loopwiel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Angetriebenes Laufrad rein.png
LagerpenLagerflens
  1. Houd het loopwiel in de loopwerkdrager. Welke kant naar binnen en welke naar buiten wijst, is om het even.
  2. Schuif de lageras en de lagerflens erin. Tik, indien nodig, licht met een hamer tegen de lageras en de lagerflens.

Borgschroef

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Lagerbolzen dran.png
LagerflensZelfborgende bout met karteling
  1. Draai de zelfborgende bouten met karteling stapsgewijs vast.

Ø loopwiel

Sterkte-klasse

Aantal

Bout

Aanhaal-koppel

130

10.9

5x

M8x25

42 Nm

160

10.9

5x

M8x25

42 Nm

200

10.9

5x

M10x30

85 Nm

280

10.9

5x

M12x40

130 Nm

350

10.9

8x

M12x40

130 Nm

420

10.9

8x

M16x40

330 Nm

Alleen bij maat 420 met loopwerkaandrijving 420V

Deze stap geldt alleen als er een loopwerkdrager maat 420 met een loopwerkaandrijving maat 420V moet worden gemonteerd.

Adapter monteren

Zelfborgende bout met karteling

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug Z\Adapterplatte dran 3.jpg
  1. Indien nodig: steek stiften (4x) in de lagerflens.
  2. Draai de adapter zodanig dat het gatenpatroon overeenkomt.
  3. Schuif de adapter op de stiften van de lagerflens.
  4. Steek zelfborgende bouten met karteling M16x70 (10x) door de adapter en de lagerflens.

Lagerflens vastschroeven

Borgschroef

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Flansch dran.png
Zelfborgende bout met kartelingLagerflens
  1. Draai de zelfborgende bouten met karteling stapsgewijs vast.

Ø loopwiel

Sterkteklasse

Aantal

Type

Aanhaalkoppel

130

10.9

7x

M8x25

42 Nm

160

10.9

7x

M8x25

42 Nm

200

10.9

7x

M10x30

85 Nm

280

10.9

7x

M12x40

130 Nm

350

10.9

10x

M12x40

130 Nm

420 met loopwerkaan-drijving kraan 420

10.9

10x

M16x40

330 Nm

420 met loopwerkaan-drijving kraan 420V

10.9

10x

M16x70

330 Nm

Loopwerkdrager in elkaar zetten

Alleen bij loopwerkdrager maat 280, 350 en 420

Deze stap geldt alleen bij loopwerkdragers van de maten 280, 350 en 420.

Loopwiel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug Z\Klemmstück rein 3.jpg
KlemstukHouder
  1. Schuif het klemstuk erin.
  2. Bouten (2x) vastdraaien.

Ø loopwiel

Type

Soort

Aanhaalkoppel

130

M8x45

Zelfborgende bout met karteling

42 Nm

160

M10x50

Zelfborgende bout met karteling

85 Nm

200

M10x50

Zelfborgende bout met karteling

85 Nm

280

M12x60

Zeskantbout

130 Nm

350

M20x75
of
M20x70

Zeskantbout

300 Nm

420

M20x75
of
M20x70

Zeskantbout

300 Nm

Stootbufferplaat

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Fahrwerksträger\Pufferplatte dran.png
Zelfborgende moerKunststof ring
  1. Schuif de stootbufferplaat op de draadeinden.
  2. Vanaf maat 160: kunststof schijven (4x) erop steken.
  3. Draai de zelfborgende moeren M10 (4x) vast. 6 Nm.

De zelfborgende moeren mogen maximaal 3x opnieuw worden gebruikt. Daarna moeten nieuwe zelfborgende moeren worden gebruikt.

Loopwerkaandrijving monteren

  1. Bepaal het gewicht van de loopwerkaandrijving. Zie producthandboek van de ABUS-loopwerkaandrijving.
  2. Borg de loopwerkaandrijving zodanig dat het gewicht zonder gevaar wordt gedragen en de uitgaande as niet wordt belast (bijv. in eindeloze hijsband hangen).
Alleen bij loopwerkaandrijving AZP

Deze stap geldt alleen als er een loopwerkaandrijving AZP op de loopwerkdrager moet worden gemonteerd.

Uitgaande as

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Fahrantrieb montieren 3 .jpg
LagerflensLoopwerkaandrijving
  1. Smeer de vertanding op de uitgaande as.

Smeermiddel Fuchs Lubritech hogetemperatuurpasta PBC 1574. Voor details, zie in het producthandboek ABUS-loopwerkaandrijving.

Uitgaande as

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Fahrantrieb montieren 1.png
LagerflensLoopwerkaandrijving
  1. Schuif de loopwerkaandrijving in het loopwiel.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Fahrantrieb festschrauben .png
Zelfborgende bouten met kartelingLoopwerkaandrijving
  1. Schroef de loopwerkaandrijving vast met zelfborgende bouten met karteling (4x).

Maat

Type

Aanhaalkoppel

130

M8x25

35 Nm

160

M10x30

75 Nm

200

M12x30

115 Nm

280

M16x40

300 Nm

Alleen bij loopwerkaandrijving AZF

Deze stap geldt alleen als er een loopwerkaandrijving AZF op de loopwerkdrager moet worden gemonteerd.

LagerflensLoopwerkaandrijving

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrantrieb AZF schmieren 3.jpg
Uitgaande as
  1. Vertanding op de uitgaande as smeren. Smeermiddel dekkend aanbrengen met een penseel.

Smeermiddel: „Hogetemperatuurpasta PBC 1574”. Voor details, zie producthandboek van de ABUS-loopwerkaandrijving.

LagerflensLoopwerkaandrijving

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrantrieb AZF rein 3.jpg
Uitgaande as
  1. Schuif de loopwerkaandrijving in het loopwiel.

Loopwerkaandrijving

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrantrieb AZF festschrauben 3.jpg
Cilinderkopbout
  1. Schroef de loopwerkaandrijving vast met cilinderkopbouten en sluitringen (4x).

Maat

Type

Aanhaalkoppel

350

M12x100

85 Nm

420

M12x100

85 Nm

V420

M16x140

210 Nm

V500

M16x140

210 Nm

Loopwerkaandrijving aansluiten

Alleen bij relaisbesturing

Connector aan loopwerkaandrijvingConnector aan loopwerkaandrijving

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Fahrantrieb AZF\Stecker Schützsteuerung 3.jpg
Aansluitkabel loopwerkaandrijvingGelijkrichter rem
  1. Aansluitkabel voor de loopwerkaandrijving in de connector van de loopwerkaandrijving steken.
  2. Gelijkrichter voor de rem in de connector van de loopwerkaandrijving steken.
  3. Leg de stekkerverbindingen en de aansluitkabel in het stekkerhuis.
Alleen bij frequentieomvormer

Connector aan loopwerkaandrijvingConnector aan loopwerkaandrijving

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Fahrantrieb AZF\Stecker Frequenzumrichter 3.jpg
Stekkerstrip voor loopwerkaandrijvingStekkerstrip voor rem
  1. Stekkerstrip voor de loopwerkaandrijving in de connector aan de loopwerkaandrijving steken.
  2. Stekkerstrip voor de rem in de connector aan de loopwerkaandrijving steken.

StekkerverbindingKabeldoorvoer

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Fahrantrieb AZF\Schirmklammer mit Lupe 3.jpg
SchermklemAansluitkabel
  1. Druk het voorste uiteinde van de aansluitkabel (mantel om de kabelafscherming is daar verwijderd) in de schermklem.
  2. Bevestig de aansluitkabel met een kabelbinder aan de schermklem.
  3. Leg de stekkerverbindingen en de aansluitkabel in het stekkerhuis.
  4. Sluit het deksel van het huis.

Takel controleren

  1. Zet de takel weer neer.
  2. Neem de takel in gebruik.
  3. Controleer de werking van het loopwiel.

Niet-aangedreven loopwiel demonteren

Als het loopwiel beschadigd of versleten is, moet het worden vervangen door een nieuw loopwiel.

Takel voorbereiden

  1. Neem de bepalingen inzake veilig werken in acht.
  2. Ontlast de loopwerkdrager van de takel in de buurt van het loopwiel vanaf onder.

Loopwiel blootleggen

Stootbufferplaat

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Fahrwerksträger\Laufrad freilegen.png
Zelfborgende moerKunststof ring
  1. Schroef de zelfborgende moeren (4x) eraf.
  2. Vanaf maat 160: kunststof schijven (4x) verwijderen.
  3. Verwijder de stootbufferplaat.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger\Sicherungsring von Lagerbolzen.png
BorgringPen
  1. Verwijder de borgring.

Loopwiel demonteren

Loopwiel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Nicht angetriebenes Laufrad raus.png
AfstandsbusPen
  1. Verwijder de pen, de afstandsbus en het loopwiel.

Niet-aangedreven loopwiel monteren

Als het loopwiel beschadigd of versleten is, moet het worden vervangen door een nieuw loopwiel.

Loopwiel monteren

Loopwiel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D true vertical lift\Zweischienenlaufkatze true vertical lift\Nicht angetriebenes Laufrrad rein.png
AfstandsbusPen
  1. Houd het loopwiel in de loopwerkdrager. Welke kant naar binnen en welke naar buiten wijst, is om het even.
  2. Schuif de pen en de afstandsbus erin. Tik, indien nodig, licht met een hamer tegen de pen en de afstandsbus.
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger\Sicherungsring auf Lagerbolzen.png
BorgringPen
  1. Breng de borgring aan en klik hem goed vast.
  2. Draai het loopwiel. Het moet licht lopen.

Stootbufferplaat

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Fahrwerksträger\Pufferplatte dran.png
Zelfborgende moerKunststof ring
  1. Schuif de stootbufferplaat op de draadeinden.
  2. Vanaf maat 160: kunststof schijven (4x) erop steken.
  3. Draai de zelfborgende moeren M10 (4x) vast. 6 Nm.

De zelfborgende moeren mogen maximaal 3x opnieuw worden gebruikt. Daarna moeten nieuwe zelfborgende moeren worden gebruikt.

Takel controleren

  1. Zet de takel weer neer.
  2. Neem de takel in gebruik.
  3. Controleer de werking van het loopwiel.

Veiligheidsbuffer vervangen

Als de veiligheidsbuffer beschadigd is, moet deze worden vervangen.

Aan beide zijden:

Stootbufferplaat

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Sicherheitspuffer ab 3.jpg
Veiligheidsbuffer
  1. Schroef de veiligheidsbuffer eraf.

Stootbufferplaat

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Sicherheitspuffer dran 3.jpg
Veiligheidsbuffer
  1. Schroef de veiligheidsbuffers in de stootbufferplaten. Ca. 30 Nm.

De veiligheidsbuffer moet contact hebben met de stootbufferplaat en er mag geen spleet tussen beide bestaan, omdat de stoot anders wordt opgevangen door de bout en niet door de stootbufferplaat zelf.

Kruisschakelaar vervangen

Als de kruisschakelaar beschadigd is, moet hij worden vervangen. Door de stekkerverbinding is het vervangen mogelijk zonder nieuwe bedrading te leggen.

Koppeling

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Einträger-Laufkran\Kreuzhebelschalter öffnen 3.jpg
KabelschroefkoppelingAfdekking
  1. Schroeven (2x) uit de afdekking schroeven.
  2. Afdekking verwijderen.
  3. Koppeling van de aansluitkabel van de platine trekken.

De kabelschroefkoppeling van de afdekking hoeft niet te worden losgemaakt. De aanwezige afdekking kan met gemonteerde aansluitkabel aan een nieuwe kruisschakelaar worden gemonteerd.

  1. Koppeling van nieuwe kruisschakelaar aansluiten.
  2. Afdekking sluiten.
  3. Bouten (2x) vastdraaien. 3 Nm.

Schakelschema kruisschakelaar

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Einträger-Laufkran\Schaltplan KHS 3.jpg
  • De in het schakelschema aangegeven contactnummering begint met 1 vanaf links oplopend.
  • De aanduiding van de microschakelaar begint in de inbouwpositie links met S1.

Positie pijl

Schakelaarstand

S1 gesloten

S1 open

S2 gesloten

S2 open

S3 gesloten

S3 open

S4 gesloten

S4 open

0

0°

3,4

5,6

7,8

9,10

1

90°

3,4

5,6

7,11

9,10

2

180°

3,4

5,6

7,11

9,12

3

270°

3,1

5,6

7,8

9,12

4

360°

3,1

5,2

7,8

9,10

5

450°

3,4

5,2

7,8

9,10

0

540°

3,4

5,6

7,8

9,10

Smeermiddelen

Opmerking:

Synthetische smeermiddelen mogen niet worden gemengd met minerale smeermiddelen!

Kabeltrommel aan de rand

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug Z\Seiltrommel fetten 5.jpg

Smering ter plaatse met „Molykote PG-75”, ABUS-artikelnummer 5168.

Smering af fabriek met „Molykote PG-75”, ABUS-artikelnummer 411.

Smeer de kabel bij:

  • Kabelwissel
  • Vervangen van kabelgeleiding
  • Regelmatige keuring
  • Algehele revisie

Voor details, zie „Kabeltrommel reinigen en smeren”.

Kabel en kabeltrommel midden

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug Z\Seiltrommel fetten Mitte 6.jpg

Smering ter plaatse met „Chainlife S”, ABUS-artikelnummer 2717.

Smering af fabriek met „Chainlife S”, ABUS-artikelnummer 2718.

Alternatieven:

  • Castrol „Viscogen KL 23”
  • Klüber „Grafloscon CA 901 Ultra Spray”
  • Optimol „KL 23”
  • Shell „Malleus GL 95”

Smeer de kabel bij:

  • Kabelwissel
  • Regelmatige keuring
  • Algehele revisie

Voor details, zie „Kabeltrommel reinigen en smeren”.

Meenemer van de kabelgeleiding

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Schmierstoffe Seilführung Mitnehmer 3.JPG

Smering ter plaatse met „Molykote PG-75”, ABUS-artikelnummer 5168.

Smering af fabriek met „Molykote PG-75”, ABUS-artikelnummer 411.

Smeer de meenemer bij:

  • Kabelwissel
  • Vervangen van kabelgeleiding
  • Regelmatige keuring
  • Algehele revisie

Voor details, zie „Kabel met inschering 2/1, 4/1 of 6/1 vervangen”.

Lasthaak-traverse aan het haakblok

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Schmierstoffe Unterflasche 3.jpg

Smering ter plaatse met „Hogetemperatuurpasta PBC 1574”, ABUS-artikelnummer 6758

Smering af fabriek met „High-Lub LT1 EP”, ABUS-artikelnummer 317880.

Smeer de lasthaak-traverse bij:

  • Montage en demontage
  • Algehele revisie

Axiaal kogellager van de lasthaak

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Unterflasche Seilzug\Schmierstoff Axiallager Haken.png

Smering ter plaatse met „Molykote PG-75”, ABUS-artikelnummer 5168.

Smering af fabriek met „High-Lub LT1 EP”, ABUS-artikelnummer 317880.

Smeer het axiale kogellager bij:

  • Montage en demontage
  • Algehele revisie
Alleen bij ankerbloktraverse

Draadhuis

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug E\Schmierstoffe Seiltasche 3.jpg

Smering ter plaatse met „Hogetemperatuurpasta PBC 1574”, ABUS-artikelnummer 6758

Smering af fabriek met „High-Lub LT1 EP”, ABUS-artikelnummer 317880.

Smeer het draadhuis bij:

  • Kabelwissel
  • Regelmatige keuring
  • Algehele revisie

Voor details, zie „Ankerbloktraverse met draadhuis en wig vervangen”.

As in keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Umlenkrollentraverse GM7000\Bolzen schmieren 3.jpg

Smering ter plaatse met „Hogetemperatuurpasta PBC 1574”, ABUS-artikelnummer 6758

Smering af fabriek met „High-Lub LT1 EP”, ABUS-artikelnummer 317880.

As smeren bij:

  • Montage of demontage van de keerrol
  • Algehele revisie

Voor details, zie „Traverse met keerrol bij inschering 4/1 of 6/1 vervangen” of „Traverse met keerrol bij inschering 4/2 of 8/2 vervangen”.

Kabelgeleiding

Alleen bij GM 800 tot GM 3000
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilführung GM3000\Schmieren 3.jpg

Smering ter plaatse met „Molykote PG-75”, ABUS-artikelnummer 5168.

Smering af fabriek met „Molykote PG-75”, ABUS-artikelnummer 411.

Smeer de kabelgeleiding bij:

  • Kabelwissel
  • Vervangen van kabelgeleiding
  • Regelmatige keuring, minstens eenmaal per jaar
  • Algehele revisie

Voor details, zie „Kabelgeleiding monteren”.

Alleen bij GM 5000 tot GM 7000
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug Z\Seilführung schmieren 3.jpg

Smering ter plaatse met „Molykote PG-75”, ABUS-artikelnummer 5168.

Smering af fabriek met „Molykote PG-75”, ABUS-artikelnummer 411.

Smeer de kabelgeleiding bij:

  • Kabelwissel
  • Vervangen van kabelgeleiding
  • Regelmatige keuring, minstens eenmaal per jaar
  • Algehele revisie

Voor details, zie „Kabelgeleiding monteren”.

Scharnierbouten

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Schmierstoffe Katzrahmen Gelenk 3.JPG

Smering ter plaatse met „Hogetemperatuurpasta PBC 1574”, ABUS-artikelnummer 6758

Smering af fabriek met „High-Lub LT1 EP”, ABUS-artikelnummer 317880.

Scharnierbouten smeren bij:

  • Montage of demontage van de loopwerkdrager
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Schmierstoffe Katzrahmen Feste Seite 3.JPG

Smering ter plaatse met „Hogetemperatuurpasta PBC 1574”, ABUS-artikelnummer 6758

Smering af fabriek met „High-Lub LT1 EP”, ABUS-artikelnummer 317880.

Scharnierbouten smeren bij:

  • Montage of demontage van de loopwerkdrager
Alleen bij takel GM 800, GM 1000, GM 2000, GM 3000, GM 5000 en GM 6000

Lagerbus (op bevestigingsbout) aan de traverse met keerrol en aan de ankerbloktraverse

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Schmierstoffe Aufhängebolzen Traversen 3.jpg

Smering ter plaatse met „Hogetemperatuurpasta PBC 1574”, ABUS-artikelnummer 6758

Smering af fabriek met „High-Lub LT1 EP”, ABUS-artikelnummer 317880.

Smeer de lagerbus (op bevestigingsbout) bij:

  • Montage en demontage van de traverse met keerrol of de ankerbloktraverse
  • Algehele revisie

Voor details, zie „Ankerbloktraverse met draadhuis en wig vervangen” of „Traverse met keerrol bij inschering 4/1 of 6/1 vervangen”.

Alleen bij takel met GM 7000

Traverse met keerrol

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Seilzug D\Bolzen Umlenkrollentraverse schmieren 3.jpg

Smering ter plaatse met „Hogetemperatuurpasta PBC 1574”, ABUS-artikelnummer 6758

Smering af fabriek met „OKS 511-Gleitlack”, artikelnummer 18930 en „High-Lub LT1 EP”, ABUS-artikelnummer 317880.

Smeer de contactvlakken van de traverse met keerrol bij:

  • Montage en demontage van de traverse met keerrol
  • Algehele revisie

Voor details, zie „Traverse met keerrol bij inschering 4/1 of 6/1 vervangen”.

Pendeltonlager van de kabeltrommel

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Allgemein\Schmierstoffe GM7000 Seiltrommellager 3.JPG

Smering ter plaatse met „High-Lub LT1 EP”, ABUS-artikelnummer 317880.

Smering af fabriek met „High-Lub LT1 EP”, ABUS-artikelnummer 317880.

Smeer het pendeltonlager bij:

  • Montage en demontage van het pendeltonlager
  • Algehele revisie

Overzicht aanhaalkoppels

Eindklem

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Anzieh-Drehmoment Endklemme 3.jpg

Maat

Cilinderkopbout

Aantal

Aanhaalkoppel

GM 800

M6x16

2

10 Nm

GM 1000

M8x20

2

25 Nm

GM 2000

M8x20

2

25 Nm

GM 3000

M8x20

2

25 Nm

GM 5000

M16x35

3

210 Nm

GM 6000

M16x35

3

210 Nm

GM 7000

M20x40

3

425 Nm

Meenemer

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Mitnehmer Anzieh-Drehmoment 3.jpg

Maat

Bout

Aanhaalkoppel

GM 800

Zelfdraadvormende schroef M6x16

5 Nm

GM 1000

Zelfdraadvormende schroef M6x16

5 Nm

GM 2000

Zelfdraadvormende schroef M6x16

5 Nm

GM 3000

Zelfdraadvormende schroef M6x16

5 Nm

GM 5000

Zelfdraadvormende schroef M6x16

5 Nm

GM 6000

Zelfdraadvormende schroef M6x16

5 Nm

GM 7000

Zelfdraadvormende schroef M6x16

5 Nm

Alleen bij GM 800, GM 1000, GM 2000 en GM 3000

Verbindingsstuk

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug E\Seilführung prüfen 3.jpg

Maat

Bout

Aantal

Aanhaalkoppel

GM 800

Zelfdraadvormende schroef M6x16

4x

5 Nm

GM 1000

Zelfdraadvormende schroef M6x16

4x

5 Nm

GM 2000

Zelfdraadvormende schroef M6x16

4x

5 Nm

GM 3000

Zelfdraadvormende schroef M6x16

4x

5 Nm

Alleen bij takel met inschering 2/1, 4/1 of 6/1

Draadklem

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Anzieh-Drehmoment Seilklemme 3.jpg

Maat

Zelfborgende moer met karteling

Aanhaalkoppel

GM 800

M6

5 Nm

GM 1000

M8

10 Nm

GM 2000

M8

10 Nm

GM 3000

M8

10 Nm

GM 5000

M14

49 Nm

GM 6000

M14

49 Nm

GM 7000

M16

107 Nm

Lift-off-beveiliging ZLK met loopkat D, DA

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Anziehmoment Abhubsicherung ZKL 3.jpg
  • Zelfborgende moer met karteling M8
  • 2x per optilbeveiliging
  • 25 Nm

Lift-off-beveiliging loopkat DQA

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Anziehmoment Abhubsicherung DQA 3.jpg

Type en maat

Aantal

Aanhaalkoppel

Zelfborgende bout met karteling M12x30

3x

115 Nm

Zelfborgende bout met karteling M16x35

3x

210 Nm

Alleen bij loopkat DQA met hijswerkaandrijving GM 7000
U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Seilzug kompakt\Seilzug D\Fahrwerksträger DQA\Abhubsicherung GM7000\Anzieh-Drehmoment.png
  • Zelfborgende bout met karteling M16x35
  • 300 Nm

Stroommeenemer loopkat DQA

U:\Allgemein\Produkthandbücher\Produkthandbücher Fotos\Zweiträger-Laufkran\Anziehmoment Katzstrommitnehmer DQA 3.jpg
  • Zeskantbout M8 met zeskantmoer
  • 6x
  • 25 Nm

ABUS-service

Alleen in Duitsland
  1. Indien bekend, het productnummer, het serienummer en het klantnummer bij de hand houden.
  2. Bel de ABUS-servicecentrale op:
  • Telefoon: +49 2261 37 237
  1. Laat buiten de normale werktijden een bericht achter op het antwoordapparaat.
  1. De ABUS-service belt u zo snel mogelijk terug.
  1. Stuur desgewenst de probleembeschrijving per fax of e-mail op:
  • Fax: +49 2261 37 265
  • E-mail: service@abus-kransysteme.de
Alleen buiten Duitsland
  1. Bel de ABUS-vestiging of de kraanservicepartner ter plaatse op.

De ABUS-vestiging of de kraanservicepartner informeert u over contactgegevens, contactpersonen en bereikbaarheid.